Sociale partners akkoord; Sterkere rol ouderen bij pensioenen

ROTTERDAM, 17 OKT. Gepensioneerden krijgen meer zeggenschap in de besturen van de pensioenfondsen, die ruim 600 miljard gulden beheren. De extra invloed gaat niet zo ver als de ouderenorganisaties en staatssecretaris De Grave (Sociale Zaken) wilden.

De werknemers en werkgevers hebben gistermiddag in hun overleg in de Stichting van de Arbeid met de ouderenorganisaties (verenigd in het CSO) een zogeheten convenant gesloten over verdergaande zeggenschap van gepensioneerden in de pensioenfondsen. De fondsen worden nu gezamenlijk bestuurd door werkgevers en werknemersvertegenwoordigers. Over drie jaar wordt het convenant geëvalueerd.

De gepensioneerden willen directe invloed op het beleid bij pensioenfondsen om hun belangen, zoals aanpassing van pensioenen aan prijsstijgingen, veilig te stellen.

Werkgevers en werknemers zullen een “krachtige aanbeveling” doen aan hun vertegenwoordigers in pensioenfondsen om deelnemersraden op te richten die advies moeten geven aan de besturen van de fondsen. Uit onderzoek bleek vorig jaar dat tot dan toe maar 20 procent van de fondsen een deelnemersraad heeft. Staatssecretaris De Grave kondigde begin dit jaar maatregelen aan om de invloed te verbeteren, bij voorkeur door directe vertegenwoordiging van gepensioneerden in de besturen van pensioenfondsen. Dat stuitte op verzet bij werknemers die bang zijn dat deze uitbreiding ten koste gaat van hun positie in de fondsen.

Een woordvoerder van De Grave reageert positief op het convenant. “Het is beter dat partijen het zelf doen dan dat er wetgeving komt. Ook de evaluatie over drie jaar is een goede zaak.”

In de praktijk wordt de extra zeggenschap door de grote verschillen in pensioenregelingen op drie manieren ingevoerd. Directe vertegenwoordiging van gepensioneerden in het bestuur van pensioenfondsen komt alleen van de grond bij de pensioenbeheerders van individuele ondernemingen, zoals Unilever, Shell en Akzo Nobel. Deze fondsen werken voor 350.000 gepensioneerden.

Een grote doorbraak zit bij de pensioenregelingen die werkgevers door verzekeraars laten uitvoeren. Deze regelingen (met ongeveer 200.000 gepensioneerden) kenden geen deelnemersraden.

Bij de pensioenfondsen die voor complete bedrijfstakken werken, zoals ambtenaren en onderwijs (ABP) en de metaalnijverheid, stelt het convenant alleen de oprichting van deelnemersraden voor. Bij de pensioenfondsen voor bedrijfstakken zijn ruim 1,3 miljoen gepensioneerden aangesloten. “Wij hadden daar ook plaatsen in het bestuur willen krijgen, maar dat stuitte op nogal wat bezwaren bij werkgevers en werknemers”, zegt drs. D. den Hoedt van het CSO.

De organisaties van gepensioneerden zijn in de bedrijfstakken zelf bovendien niet sterk vertegenwoordigd.