'Meer voorlichting voedingsindustrie'

ROTTERDAM, 17 OKT. Door de ervaringen met de gekke-koeien-ziekte is het vertrouwen van Europese consumenten in de nationale overheid geschaad wat betreft de veiligheid en betrouwbaarheid van voedsel. Daarom heeft de voedingsindustrie zelf de taak om het publiek voor te lichten over nieuwe voedingsmiddelen met genetisch gemodificeerde gewassen als soja.

Dat zei Morris Tabaksblat, co-bestuursvoorzitter van Unilever, gisteren op een bijeenkomst van graanhandelaren en producenten in Rotterdam. “In bepaalde Europese landen is het niet mogelijk om genetisch gemodificeerde producten aanvaard te krijgen bij het publiek door alleen te zorgen voor regulering door de overheid. Daarom hebben wij, Unilever en anderen in de voedingsindustrie, de taak om het vertrouwen bij consumenten te herstellen in samenwerking met de overheid, met consumentenorganisaties en maatschappelijke groeperingen.”

Tabaksblat verwees naar de “golven van emotie” die vorig jaar ontstonden toen de eerste schepen met gemodificeerde soja de Europese havens binnenvoeren. “Tot dat moment had het publiek het onderwerp van genetisch gemodificeerde gewassen grotendeel genegeerd. Zowel consumenten als de media waren in beslag genomen door BSE, de gekke-koeien-ziekte.”

Het aandeel van gemodificeerde soja in de Amerikaanse productie (verreweg de grootste leverancier) stijgt van 2 procent vorig jaar tot 15 procent dit jaar. Behalve soja - volgens Tabaksblat bevat 60 procent van de voedingsmiddelen soja - komt er binnenkort ook op grote schaal gemodificeerde mais en koolzaad op de markt. Tabaksblat is een voorstander van het gebruik van de gemodificeerde gewassen (Genetically Modified Organisms, GMO's). “Moderne bio-technologie maakt het mogelijk om de sterk groeiende wereldbevolking te voeden, en zal zorgen voor verbeterde kwaliteit.”

De gemodificeerde soja en mais is veilig bevonden door de Europese autoriteiten, en na eigen onderzoek, ook door Unilever. Maar reacties bij consumenten in Europa waren verdeeld. Dat heeft onder meer geleid tot een roep om gescheiden aanvoer van wel en niet gemodificeerde soja of mais. “Amerikaanse leveranciers hebben aangegeven dat gescheiden aanvoer onwaarschijnlijk is. Het is daarom een onderwerp dat voorzichtig behandeld moet worden”, waarschuwde Tabaksblat. “Een belofte die niet kan worden waargemaakt - zoals 'GMO-vrij' - zal de scepsis bij het publiek alleen maar aanwakkeren.”

Tabaksblat zei dat Unilever ook consumenten zal blijven bedienen die producten willen zonder gemodificeerde ingrediënten. “Als we de opvattingen van consumenten niet meer respecteren, doen we ons werk niet goed. Maar dat is iets dat we aan de markt moeten overlaten en niet in wetgeving moeten vastleggen.”

Unilever en andere grote voedselproducenten als Novartis hebben grote bedragen geïnvesteerd in (de verwerking) van de nieuwe gewassen. In de VS bestaat nauwelijks weerstand tegen gemodificeerde producten. Maar maatschappelijke organisaties als Greenpeace voeren in Europa acties tegen de invoer van gemodificeerde soya en mais. Greenpeace zegt dat niet voldoende is aangetoond dat de nieuwe gewassen veilig zijn.