Kjell Magne Bondevik; Premier van een 'warmer' Noorwegen

ROTTERDAM, 17 OKT. Een 'Bondevikje' is een term die in de Noorse Centrale Bank regelmatig over de lippen gaat. Medewerkers bedoelen er acht miljard Noorse kronen mee, ruim twee miljard gulden. Daarmee zou Kjell Magne Bondevik, de christen-democraat die gisteren zijn regering presenteerde, de begroting de komende twee jaar willen verhogen.

Bondevik was woedend toen hij het grapje hoorde. Er is geen sprake van, zei hij tegen bankpresident Kjell Storvik, dat zijn centrumregering van plan zou zijn de begroting onverantwoord op te schroeven. Hij vond dat Storvik zich zand in de ogen had laten strooien door de verkiezingspraat van zijn sociaal-democratische voorganger, Thorbj⊘rn Jagland.

Kjell Magne Bondevik, volgens waarnemers 'de Cliff Richard van de Noorse politiek', is niet vaak openlijk boos. De goedlachse Lutherse dominee (50), die graag een weelderige sigaar in zijn mond heeft, oogt joviaal. Wat dat betreft heeft hij alles wat zijn voorganger ontbeert. Jagland is een degelijke, maar een tikje saaie politicus, die mede door een gebrek aan politieke ervaring een aarzelende indruk maakt. Bondevik die als 10-jarig jochie al met zijn vader over buitenlandse politiek schijnt te hebben gedebatteerd, zit al bijna een kwart eeuw in de Storting, het Noorse parlement. Tussen 1983 en 1986 was hij minister van Kerk en Onderwijs en in het kortstondige kabinet van Jan Syse (1989-1990) minister van Buitenlandse Zaken.

Terwijl Jagland tijdens de verkiezingscampagne vorige maand steeds zorgelijker ging kijken, werd Bondevik met de dag vrolijker. Jagland probeerde de kiezers met een strenge blik over te halen op hem te stemmen. Denk erom, als er niet ten minste evenveel mensen op de sociaal-democraten stemmen als vier jaar geleden, heb ik er geen zin meer in - zo luidde ongeveer zijn boodschap. Het was een zinnetje dat hem waarschijnlijk op een onbedacht moment ontglipte tegenover een journalist, waarop hij later niet meer terug kon komen.

Bondevik heeft die strengheid steeds beantwoord met een aansprekend optimisme - ik wil graag premier worden, ik heb het beste voor met het land, “de Noorse samenleving zal warmer zijn met de christen-democraten” - waardoor hij zich gaandeweg ontpopte als het enige alternatief voor Jagland. Hoewel zijn partij in grootte slechts de vierde partij is. Die positie dankt Bondevik niet alleen aan zichzelf, maar ook aan de andere voortdurend kibbelende 'burgelijke' partijen, zoals centrum-rechts wordt genoemd. Al op de dag na de verkiezingen werden zijn kansen om een regering te formeren door sommigen niet erg groot geacht. Het kabinet dat hij voorzit, bestaande uit christen-democraten, Centrum Partij en Liberalen, heeft nauwelijks meer dan een kwart (42) van de 165 zetels in de Storting.

Maar Bondevik toonde in de afgelopen maand zijn politieke vernuft. “Waarheen we ook gaan, we lopen gevaar”, zei Bondevik, een lied citerend dat hij zich van de zondagsschool herinnerde. Met een toezegging hier en een smeekbede daar heeft hij voldoende partijen zover gekregen hem het voordeel van de twijfel te gunnen. “Dat is het handige van een centrum-regering”, zei Bondevik, “de ene keer maken we een stapje naar links, de andere keer naar rechts”.

Toch is het de vraag hoe lang Bondeviks optimisme zal standhouden. Steun van de Conservatieven, of desnoods van de extreem-rechtse Progressieven van Carl Hagen, zal de premier in sommige gevallen gemakkelijker krijgen dan van zijn coalitiepartners. Daarnaast zal het hem ook niet gemakkelijk vallen om als regeringspartij zijn eigen achterban tevreden te stellen. Economisch varen de christen-democraten een middenkoers, die door bijna alle partijen wordt gesteund. Maar ze hebben een aantal sociale thema's waarin ze vrijwel alleen staan. Bondevik wil de liberale Noorse abortus-wetgeving aanpassen en is tegenstander van wetgeving die een vorm van 'homohuwelijk' legaliseert. Ook zouden, als het aan zijn partij ligt, winkels op zondag dicht moeten blijven en het alcoholgebruik voor het jaar 2000 met een kwart moeten verminderen.

Het zijn geen populaire standpunten, maar Bondevik is een doorzetter. Toen hij minister van Buitenlandse Zaken was, werd er op recepties ook alcoholvrije wijn geschonken.