De anonimiteit van een hotelkamer

Dermot Bolger (red.): Finbar's Hotel. Picador, 273 blz. ƒ 24,95

Uitgeverij Picador bestaat vijfentwintig jaar, en heeft om dat te vieren een bijzondere whodunnit uitgebracht. Finbar's Hotel, een bundel met verhalen van zeven van Ierlands belangrijkste schrijvers, draait eens niet om de vraag wie de moord heeft gepleegd of waar het lijk verborgen ligt. In plaats daarvan daagt het boek de lezer uit erachter te komen welke schrijver welk hoofdstuk heeft geschreven.

Finbar's Hotel beschrijft één nacht in het gelijknamige fictieve hotel (tot in de details gebaseerd op hotel 'The Clarence' in Dublin), aan de oevers van de Liffey in een wat verlopen buurt van Dublin, telkens vanuit het perspectief van een andere hotelgast. De auteurs Dermot Bolger, Roddy Doyle, Anne Enright, Hugo Hamilton, Jennifer Johnston, Joseph O'Connor en Colm Tóibín kregen ieder een kamernummer toegewezen, lopend van 101 tot 107. Deze kamers vormen een etalage voor de individuele stijl en kwaliteiten van de auteurs, die slechts in alfabetische volgorde vermeld worden.

Niet alleen laat dit raamwerk de schrijvers veel ruimte, een hotel staat ook bijna garant voor interessante situaties, als verzamelplaats van de meest uiteenlopende mensen die om allerlei redenen niet in hun gebruikelijke omgeving verkeren. Er gebeurt altijd wel wat in een hotel. Althans, dat hoopt Benny uit kamer 101: 'He wanted to see what happened. That was why he was here in Finbar's Hotel, to experience what he'd never had, to see what he'd been missing. Something would happen. That was what hotels were about-people left their real selves down at the reception desk and became whoever they wanted when they stepped out of the lift upstairs. The hotel would show Ben what life could have been like.'

Benny is voor het eerst van zijn leven in een hotel, en wanhopig op zoek naar glamour, avontuur en de minibar zoals hij die kent uit de films. Langzaam aan komt hij echter tot de ontluisterende ontdekking dat geen van deze zaken in Finbar's Hotel te vinden zijn. Terwijl hij zich onhandig van de hotelbar naar de disco beweegt, en aan de muren van zijn kamer luistert, kan hij zijn heimwee maar nauwelijks onderdrukken. Het hilarische verhaal van deze zoektocht, waarin een bloedneus en een stuk toast ook nog een belangrijke rol spelen, lijkt nauwelijks door een ander dan Roddy Doyle geschreven te kunnen zijn.

Tussen de twee zussen in kamer 102 speelt zich iets heel anders af. Hun wrange verhaal van familiegeheimen en leugentjes om bestwil past qua thematiek en ingehouden stijl nog het beste bij Jennifer Johnston, de Grand Old Lady van de Ierse literatuur. Kamer 103 daarentegen staat weer bol van de exuberante humor. De verwikkelingen rondom Ken, die de kat van zijn ex heeft gekidnapt, wijzen sterk in de richting van Joseph O'Connor, met zijn gevoel voor absurde scenario's en voorliefde voor pop culture.

Ondanks de grote variatie in toon en onderwerpkeuze - er figureren ook nog een melancholieke emigrante, een stervende vrouw en een beroepscrimineel - zijn de verschillende hoofdstukken op subtiele wijze met elkaar verweven. Benny struikelt nog door verscheidene andere verhalen heen, en ook de overige personages spelen bijrolletjes. Die zijn verbazingwekkend goed gecoördineerd: flarden van gesprekken worden in een nieuw verhaal afgemaakt, ontmoetingen in de liften, gangen of de hotelbar vanuit diverse perspectieven beschreven - details die vanzelf spreken in een roman, maar bij zoveel verschillende auteurs bewondering wekken. Dan zijn er nog de constanten van het hotel zelf, zoals de bejaarde kruier Simon, de nachtmanager aan wie een prachtig verhaal gewijd is, en de onvermijdelijke groep Amerikaanse toeristen. Redacteur Dermot Bolger is er in geslaagd een verrassende mate van eenheid te creëren.

In Ierland zelf heeft Finbar's Hotel al geleid tot intense speculaties over de identiteit van de verschillende schrijvers, en verzoeken aan de uitgever om de oplossing bekend te maken in een wedstrijd. Maar volgens de laatste berichten is Bolger niet van plan om er op dit moment iets over los te laten. De mogelijkheid van een wedstrijd begin volgend jaar wordt echter niet uitgesloten. Voorlopig blijft het dus bij raden naar de juiste auteurs, met uitgekiende stilistische analyses of gewoon met een geïnspireerde gok.