UITRUSTING

De politie beschikt voor de uit-oefening van haar taak over wapens, die zij slechts onder strikte voorwaarden mag gebruiken.

Het algemene dienstwapen is de Walther P5. Dit halfautomatische pistool moet na elk schot opnieuw worden geladen. Speciale eenheden kunnen ook over semi-automatische machinepistolen beschikken. Om dit te mogen gebruiken, moeten ze toestemming van de minister hebben. In bijzondere situaties kan de politie gebruik maken van traangas. Behalve de wapenstok heeft de uitrusting van de politie meestal een zichtbaar defensief doel: ze moet verhinderen dat de politie-agenten klappen of schotwonden oplopen. Voor de levering van de uitrusting, en ook van uniformen, petten, voertuigen en apparatuur, heeft de politie een Divisie Logistiek, een onderdeel van het Korps Landelijke Politiediensten.