Oostenrijk ruziet over achtergrond van bomaanslagen

WENEN, 16 OKT. De Oostenrijker Franz Fuchs dreigde al tijdens zijn eerste verhoor met een nieuwe serie bombrieven als de politie aan de 'één dader-theorie' vasthield voor de tientallen rechts-extremistische bomaanslagen die Oostenrijk de afgelopen jaren teisterde.

Fuchs bekende na zijn arrestatie op 1 oktober lid te zijn van de terroristische organisatie Bajuwarische Befreiungsarmee (BBA). Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft de bevolking voor nieuwe aanslagen gewaarschuwd, maar dit dreigement geheim gehouden. Dit werd gisteren door het weekblad News gemeld en is door het ministerie bevestigd.

Sinds de aanhouding van Fuchs houdt heel Oostenrijk zich bezig met de vraag of het om één dader gaat of om een groep. De publieke opinie neigt naar de groepstheorie, de minister van Binnenlandse Zaken, Karl Schlögl, en Michael Sika, hoofd openbare veiligheid, vermoedden dat Fuchs de enige dader is. De vraag heeft is politiek geladen. Een eenling kan als gevaarlijke gek worden afgestempeld, waardoor de terreur wordt ontdaan van zijn politieke motivatie - vreemdelingenhaat en antisemitisme. “Wij dachten aan terreur van rechts, maar het waren slechts de zielenroerselen van een warhoofd”, schreef bijvoorbeeld Peter Rabl in de conservatieve Kurier. Na zware kritiek in de pers in Silka overigens teruggekomen van de 'één-dader theorie'. Aanslagen tegen buitenlanders zijn vanzelfsprekend poltiek gemotiveerd, liet hij in een vraaggesprek weten.

Franz Fuchs liet bij zijn aanhouding een bom ontploffen, waardoor hij beide handen verloor. Hij is deze week vanuit het ziekenhuis naar het gevangenis overgeplaatst. De verhoren hebben nog niet veel opgeleverd. Fuchs houdt vast aan zijn bewering slechts een ondergeschikt lid te zijn van de BBA, een grote organisatie die volgens hem in elke deelstaat leden heeft. Maar vooralsnog ontbreekt elk spoor van de overige BBA-leden.

Ook de werkplek waar Fuchs zijn bommen bouwde, is door de politie nog niet ontdekt. De familie-achtergrond van de verdachte - zijn ouders en zijn broer zijn sociaal-democraten - was voor de fractievoorzitter van de extreem-rechtse Freiheitlichen (FPÖ), Ewald Stadler, aanleiding om een motie van wantrouwen in te dienen tegen de vroegere minister van Binnenlandse Zaken, Caspar Einem. Volgens Stadler had de “ultralinkse” minister de politie ertoe gedwongen in neo-nazi kringen naar daders te zoeken. “En nu blijkt dat het een kameraad was, hoor je niets van deze minister”, riep Stadler in het parlement.

Het is niet de eerste keer dat de FPÖ het partijlidmaatschap van de ouders gebruikt om extreem-rechtse activisten voor links uit te maken, maar niet eerder waren de tegenreacties zo fel. “Als wij volwassenen beoordelen op grond van de politieke voorkeur van hun ouders, wat moeten wij dan van Jörg Haider denken, wiens ouders overtuigde nationaal-socialisten waren?”, vroeg Hans Rauscher, columnist bij de Standard. Zelfs de zeer conservatieve Presse veroordeelde Stadlers uitlating als “smakeloos”.

Los van het politieke steekspel is het de vraag of één persoon 35 technisch perfecte briefbommen en twee spijkerbommen kan maken, de slachtoffers - bekende en onbekende Oostenrijkers - geselecteerd kan hebben en daarnaast zeventig pagina's aan verklaringen in zeer uiteenlopende stijlen kan schrijven. De BBA-verklaringen zijn historisch en juridisch uitstekend onderbouwd. Verder is de auteur een kenner van neo-nazi literatuur en heeft hij de media goed bijgehouden. En tenslotte moet deze man ook nog tijd gehad hebben om bij de beurs te speculeren, want de werkloze verdachte blijkt een vermogende man te zijn.