Doe het zelf fraudebestrijding

ROTTERDAM.'Fraude aangeven: zinloos. Wij doen er niks mee en we snappen er niets van' - zo'n bord zou voor elk politiebureau moeten staan. Burger en bedrijfsleven zoeken hun heil op de vrije markt, zoals bij The Counter Spy Shop in Rotterdam.

Wie argeloos in de wacht meent te zijn gezet, doet er goed aan niet met zijn collega's te overleggen. Wellicht is er een hold invader in het spel. “Ongetwijfeld een van de meest ongewone telefoon afluisterapparaten. Uw gesprekspartner denkt namelijk in de wacht te hangen maar zijn telefoon is veranderd in een hyper-gevoelige ruimte microfoon”, aldus de catalogus van The Counter Spy Shop. Wees voorzichtig met uw antwoordapparaat want dankzij een 'antwoordapparaat indringer' breekt men de toegangscode, “waardoor u net als de eigenaar onbeperkt toegang heeft tot het apparaat om ingesproken boodschappen te beluisteren, boodschappen te wissen, of een nieuwe boodschap in te spreken”, aldus de catalogus. En voor de vergadering begint, moet het raam onderzocht op bolletjes klei. “Wil men door een muur of een raam heen afluisteren dan biedt de werpzender uitkomst. Deze zender wordt als een balletje klei tegen het raam geworpen. De klei droogt na 1-2 dagen op waarna de zender op de grond valt”.

In de Counter Spy Shop beseft een mens dat hij afgeluisterd kan worden. “Het is net als met geslachtsziekte. Iedereen lijdt eraan, maar niemand durft erover te praten”, zegt mede-eigenaar William van de Luijtgaarden. Zijn zaak wordt geassocieerd met klandizie uit het criminele milieu. Volledig onterecht. “Tachtig procent van m'n klanten zijn NRC-lezers. Zakelijke klanten. Van een klein bedrijf tot multinational”, aldus William. Directeuren en managers lopen vooral zijn zaak plat voor apparatuur om frauderend personeel in de kraag te grijpen. Uit een enquête (1995) van het accountantskantoor KPMG onder 258 bedrijven blijkt dat 76 procent van de bedrijven aangeeft dat fraude een belangrijk probleem is - hoewel slechts 16 procent er het afgelopen jaar mee te maken had gehad.

De argwanende directeur die door zijn personeel meent te worden bestolen, belandt in een ruimte met afbeeldingen van James Bond, met of zonder pistool. In sfeervol verlichte smalle vitrines van de Spyshop kan men de gewenste 'audio interceptie apparatuur' aanschaffen. “Speelgoed voor volwassenen”, zo noemt William het spul. “Maar niet onschuldig. Want wat je ermee doet, is fout”. Afluisteren, stiekem video-opnames maken en zendertjes zonder vergunning plaatsen, dat is grosso modo verboden in Nederland. De Nederlandse directeur die in deze zaak een zendertje wil aanschaffen, koopt dat dan ook formeel in België. In de Counter Spy Shop hoort William de gefrustreerde managers aan. Voorbeelden te over. “Een bedrijf merkt dat de concurrent steevast alle orders in de wacht sleept. Uiteindelijk blijkt dat er in het bedrijf iemand is die voor de concurrent tegen betaling de orders en offertes à la minute doorfaxt”. Dat wordt ontdekt door het plaatsen van een 'fax interceptie systeem' waarmee alle in -en uitkomende faxen worden opgevangen. Ieder moet zelf voor (illegale) speurder gaan spelen, omdat de overheid geen belangstelling voor fraude heeft.

Het politie-apparaat heeft zich meer en meer teruggetrokken van specialismen zoals de fraudebestrijding. Op het politiebureau waar de opgelichte burger en directeur zich vervoegen, treffen zij de 'generalist'. De agent weet van alles wat - en dus van alles maar een beetje. Fraude is te ingewikkeld. Wie aangifte van fraude wil doen, krijgt te horen dat dit eerst bewezen moet worden. Op papier, met bandopnames of met getuigen, want één getuige is geen getuige. En de agent die er wél werk van wil maken, wordt weggeroepen voor een aanrijding-mét of een inbraak.

De bestrijding van de financieel-economische criminaliteit staat in de kinderschoenen, waarschuwde de commissie-Van Traa verontrust. Sterker nog: die financieel-economische criminaliteit neemt toe - alhoewel harde cijfers ontbreken. Zodoende komt er één extra fraude-officier (vooral voor misbruik van voorwetenschap) en wordt extra geld beschikbaar gesteld. “Maar daarvan hebben wij niets gemerkt”, verzucht een tactisch rechercheur die belast is met fraudebestrijding - een van de weinige fraudebestrijders binnen de politie in Nederland.

“Ze worden niet eens door privé-detectives geholpen”, zegt William. “Afluisteren van andersmans lijn is namelijk verboden. Daar wagen de meeste privé-detectives zich niet aan, want dan wordt hun vergunning ingetrokken”.

Zodoende rest de directeur de Counter Spy Shop om de broodnodige bewijzen, veelal illegaal, te vergaren. De anti-fraude industrie vaart er wel bij, maar de burger rest het onbehaaglijke gevoel dat frauderen blijkbaar de norm is in Nederland. Frauderen loont, want straffen blijven uit.

De politieke partij die fraudebestrijding hoog op de agenda zet, zal daar veel stemmen mee kunnen trekken. Want een opgelicht mens wordt niet alleen materieel beschadigd, de immateriële schade is erger. Vertrouwen is de basis van het zakendoen. Misbruik van vertrouwen betekent een kras op de ziel. Nu fraudebestrijding het specialisme van de burger zelf is geworden, is bespieden en bespied worden de norm. En voor wie diefstal van z'n documenten wil voorkomen, is een anti-diefstal attachékoffer op de markt. Wordt de koffer gestolen, dan “kunt u door middel van een druk op de afstandsbediening het ingebouwde shock-mechanisme activeren waardoor 35.000 tot 45.000 volt door het handvat gaat waardoor de dief de attachékoffer moet laten vallen”, aldus de catalogus. “Dat zal wel verboden worden”, mompelt William.