Volwassen kinderdromen; Gesprek met animatiefilmregisseurs Gary Trousdale en Kirk Wise

Gary Trousdale en Kirk Wise regisseerden het Disney-succes 'The Hunchback of Notre Dame'. Hun volgende film, 'Atlantis', is pas in 2001 klaar. “Tekenfilms kun je niet in haast ontwikkelen”, zegt het tweetal tijdens een bezoek aan Amsterdam.

The Hunchback of Notre Dame (1996) is op video verkrijgbaar in het Engels, met Nederlandse ondertitels of nagesynchroniseerd.

AMSTERDAM, 15 OKT. Bezoekers van galerie annex coffeeshop Karel Appel in de Oude Hoogstraat in Amsterdam hebben het misschien al opgemerkt: tussen de vele volgetekende bierviltjes aan de muur hangen sinds een paar weken ook enkele Gary Trousdale-originals. Samen met collega animatietekenaar Kirk Wise is Trousdale verantwoordelijk voor de regie van twee van de succesvolste Disney-tekenfilms van de jaren negentig: Beauty and the Beast (1991), de eerste animatiefilm die een Oscar-nominatie voor beste film kreeg, en The Hunchback of Notre Dame (1996). Ter promotie van de koopvideo van die laatste film deden beide tekenaars Amsterdam aan.

Zowel Trousdale (37) als Wise (34) groeiden op met cartoons, comics, strips en Disney-klassiekers. Voordat ze debuteerden als regisseurs deden ze ervaring op als animatie-tekenaars. “Er is niet zoiets als dé Disney-tekening. Iedere tekenaar bij Disney krijgt de kans om zijn eigen stijl te ontwikkelen”, zegt Trousdale. Hun tekenervaring vergemakkelijkte de overstap naar het regisseren van tekenfilms. Wise: “Ik voel me op mijn gemak in een animatiestudio. Ik weet hoe alles werkt, en als ik iets wil uitleggen maak ik gewoon even een schetsje.”

Wise en Trousdale werken nu aan Atlantis, een avonturenfilm over een zoektocht naar een verloren continent die in 2001 in de bioscoop verwacht wordt. De Disney-traditie is de regisseurs dierbaar. Met instemming citeren ze Walt Disney's neef en opvolger Roy jr., die stelde dat 'de belangrijkste elementen van een tekenfilm het verhaal, het verhaal en het verhaal' zijn. “Een Disney-film bevat altijd een aansprekende geschiedenis en liefdevol uitgewerkte hoofdpersonen”, zegt Wise.

Als het verhaal eenmaal tot scenario is uitgewerkt, komen de tekenaars in actie om het storyboard te maken: een serie schetsen vergelijkbaar met een stripverhaal. Het is een van de weinige momenten in de productie dat Trousdale en Wise ook zelf nog als tekenaar actief zijn. Nadat de schetsen op film zijn gezet, worden de dialogen opgenomen. Dit gebeurt al in een heel vroeg stadium: “Veel tekenaars passen de expressie van een personage aan aan de stem van de acteur die de tekst heeft ingesproken. De blonde held Phoebus uit The Hunchback kreeg voor tekenaar Russ Edmonds bijvoorbeeld pas echt een gezicht nadat hij de stem van acteur Kevin Kline had gehoord”, zegt Trousdale.

Nadat de stemmen zijn ingesproken worden achtergronden, hoofd- en bijfiguren, allemaal door verschillende teams, op papier gezet. Opvallend daarbij is dat de basis van elk plaatje nog steeds wordt gevormd door met de hand getekende animaties. In dit stadium van de productie heerst een duidelijke taakverdeling tussen Trousdale en Wise. De eerste is verantwoordelijk voor de vormgeving en de special effects; de laatste voor de storyboards en het 'acteren' van de getekende personages. Volgens Trousdale is hun werk op dat moment vergelijkbaar met dat van “een dirigent die voor een symfonieorkest staat, maar slechts een instrument per keer kan horen”.

Was Disney jarenlang de enige Hollywood-studio die zijn tekenfilmtraditie in ere hield, het komende jaar worden er maar liefst drie avondvullende animatiefilms van andere studio's verwacht. Naast The Quest for Camelot van Warner Bros, trekken vooral de producties van de nieuwe 20th Century Fox animatiestudio (met Anastasia van voormalig Disney-tekenaar Don Bluth) en DreamWorks SKG de aandacht. DreamWorks werd in 1995 opgericht door Jeffrey Katzenberg, het brein achter Disney-successen als The Little Mermaid en The Lion King, platenmagnaat David Geffen en regisseur Steven Spielberg. Als eerste animatieproductie wordt, waarschijnlijk in 1998, Prince of Egypt uitgebracht, een op het verhaal van Mozes gebaseerd epos.

Op de vraag of Trousdale en Wise verwachten dat deze hausse aan producties een gunstig effect zal hebben op de kwaliteit en de ontwikkeling van de animatiefilm, reageren de tekenaars gedecideerd. Trousdale: “Laat ze eerst maar eens met films komen. Het enige wat ik er tot nu toe van heb gezien zijn studiobazen tijdens persconferenties.” Wise vult aan: “Animatiefilms kun je niet in haast ontwikkelen, de productietijd van een film bedraagt minimaal drie jaar. Ik denk dat deze hausse beter is voor de salarissen van de tekenaars dan voor de tekenfilmindustrie. De vraag naar talentvolle tekenaars is groot, maar daar zijn er nu eenmaal niet zo veel van.”

Een zwak punt van veel snel geproduceerde tekenfilms vinden de Disney-regisseurs de opvatting dat films voor kinderen ook kinderachtig moeten zijn. Trousdale: “Walt Disney zelf heeft eens opgemerkt dat als hij alleen maar films voor kinderen zou maken hij snel werkloos zou zijn. De Disney studio's hebben jarenlang ervaring met het produceren van famíliefilms. Volwassenen kunnen in onze films hun kinderdromen herkennen.”

Trousdale en Wise gaan nog wel even door met het verbeelden van hun jongensdromen. “Het geheim van animatiefilms”, zegt Wise, “is dat het zo'n ongelooflijk directe manier van communiceren is. Met een tekening hoef je veel minder barrières te overwinnen dan met teksten of zelfs met muziek. Bovendien kun je alles laten zien wat je in je hoofd hebt. Het is tovenarij.”