Vliegveld Beek moet lawaai terugdringen

ROTTERDAM, 15 OKT. Na Schiphol dreigt nu ook vliegveld Beek bij Maastricht de geluidszones te overschrijden. De Rijksluchtvaartdienst heeft de directie van de luchthaven gisteren laten weten dat ze effectievere maatregelen moet nemen om overschrijding te voorkomen.

Met ruim 25.000 gewone vluchten per jaar plus circa 50.000 zogeheten terreinvluchten is vliegveld Beek, officieel Maastricht Aachen Airport geheten, na Schiphol en Zestienhoven de derde luchthaven van Nederland. Bij een terreinvlucht landt een vliegtuig enige tijd na de start op hetzelfde vliegveld, zoals bij lesvluchten, reclamevluchten en rondvluchten. Beek verwerkt jaarlijks een kwart miljoen passagiers.

Al eerder deze maand bleek uit berekeningen van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium dat overschrijdingen dreigden.

Op één plek, op het luchthaventerrein zelf, is de wettelijk vastgelegde zone al overschreden. Als reactie hierop presenteerde de directie van de luchthaven vorige week drie maatregelen: een wijziging in het baangebruik, een verbod op lesvluchten met grote vliegtuigen en invoering van gedifferentieerde landingstarieven.

Volgens de Rijksluchtvaartdienst zullen deze maatregelen onvoldoende effect sorteren. De dienst heeft de luchthaven voorgesteld bepaalde typen lawaaiige vliegtuigen op bepaalde tijden te weren en uitsluitend start- en landingsbanen beschikbaar te stellen als er nog ruimte beschikbaar is in de geluidszone.

Achtergrond van deze ontwikkeling vormt een uitspraak van de Raad van State van 2 mei dit jaar. De raad stelde een kleinere geluidszone vast voor Beek dan het kabinet had gedaan in de zogeheten aanwijzing waarin onder meer de wettelijke geluidsvoorschriften voor een vliegveld vastliggen.

De Rijksluchtvaartdienst vond dat door de verkleining van de zone aanpassingen in het gebruiksplan van de luchthaven nodig waren, maar de directie verwachtte met het bestaande gebruiksplan ook binnen de kleinere zone uit te komen. Dat blijkt nu dus niet het geval.