Nederland wil lot Baybasin na uitlevering blijven volgen

DEN HAAG 15 OKT. De Nederlandse regering zal maatregelen nemen om ook na de eventuele uitlevering van de Turks-Koerdische zakenman H. Baybasin geïnformeerd te blijven over diens leven in een Turkse gevangeniscel.

Landsadvocaat mr. E. Daalder zei dit gisteren in een kort geding voor de president van de Haagse rechtbank. Daalder: “We kunnen spreken van een verlengd toezicht door de Nederlandse staat.”

Baybasin, die in eigen land wordt gezocht wegens drugshandel, verzet zich tegen zijn uitlevering. Uit vrees voor een aanslag is hij ondergedoken. Hij was niet op de zitting aanwezig.

De zich zakenman noemende Baybasin gaat ervan uit dat hij in Turkse gevangenschap zal worden vermoord of op zijn minst ernstig zal worden gemarteld. Dat is hem eerder overkomen in 1989, toen hij in zijn geboorteland gevangen zat. De vrees voor herhaling wordt gedeeld door de Hoge Raad, zoals blijkt uit een eerdere uitspraak over deze kwestie. De Hoge Raad besliste eind 1996 dat Baybasin kon worden uitgeleverd aan Turkije, maar adviseerde de minister dit vonnis niet uit te voeren. Sorgdrager volgde het advies niet op, maar vroeg extra garanties met betrekking tot Baybasins veiligheid.

Zowel de justitiële autoriteiten in Ankara als de Turkse regering hebben minister Sorgdrager vervolgens verzekerd dat Baybasin tijdens de behandeling van zijn zaak niets zal overkomen. Volgens diens advocaat, mr. V. Koppe, zijn die verklaringen niets waard. Hij verwees naar een aantal publicaties van Amnesty International over martelingen in Turkije. Ook citeerde hij uit ambtsberichten van Buitenlandse Zaken over Turkije die erop duiden dat er wat de mensenrechten betreft nog altijd reden tot bezorgdheid is.

De landsadvocaat bevestigde dat minister Sorgdrager de uitlevering van Baybasin heeft gebruikt om in een andere kwestie druk uit te oefenen op de Turkse autoriteiten. Justitie in Turkije wil ook de ex-politieman D. Krouwel vervolgen voor de dood van H. Köksal in een Venlose politiecel. De uit Turkije afkomstige Köksal werd in 1993 met geweld aangehouden, de politie dacht dat hij onder invloed was. Hij werd in een cel opgesloten en pas uren later waarschuwde de wachtcommandant een arts. Later bleek dat Köksal getroffen was door een hersenbloeding.

De Nederlandse regering vindt vervolging van Krouwel onjuist, vooral omdat hij eerder is vrijgesproken in deze zaak. Turkije is gevraagd van vervolging af te zien. “Toen echter bleek dat de Turkse autoriteiten hiertoe niet bereid waren, is besloten het reeds genomen uitleveringsbesluit (van Baybasin, red.) te effectueren”, aldus de landsadvocaat.

Het CDA en GroenLinks hebben inmiddels schriftelijke vragen gesteld aan minister Sorgdrager over het met elkaar in verband brengen van beide zaken. President B. van Delden van de rechtbank doet op 29 oktober uitspraak.