Markten zijn teleurgesteld; Thailand presenteert reddingsplan

SINGAPORE, 15 OKT. De regering van Thailand heeft gisteren bekendgemaakt volgend jaar 100 miljard baht (ruim 5 miljard gulden) te willen bezuinigen als onderdeel van een reddingsplan voor de noodlijdende economie.

Internationale beleggers en bankiers hebben teleurgesteld gereageerd op het nieuwe reddingsplan.

De nieuwe maatregelen, die werden bekendgemaakt door de Thaise minister van financiën Thanong Bidaya, komen tegemoet aan de eisen van het Internationaal Monetair Fonds (IMF), dat in augustus een reddingsplan ter waarde van 17,2 miljard dollar (bijna 34 miljard dollar) samenstelde voor het land.

Naast verhoging van de benzineprijs en een stijging van de invoerrechten op bepaalde luxe-produkten, is een van de belangrijkste onderdelen van het Thaise plan de oprichting van twee nieuwe instituten die de sanering van de noodlijdende financiële sector in Thailand zullen uitvoeren en coördineren.

Verder krijgt de Thaise centrale bank meer macht, waaronder de bevoegdheid in te grijpen bij noodlijdende financiële instellingen en banken.

Internationale beleggers en bankiers toonden zich weinig enthousiast over het reddingsplan. Zij omschrijven het als “vaag” en klagen over een gebrek aan details over de uitwerking van het plan. “Er is niets bekend over de uitvoering en implementatie van de plannen. Dat blijft typisch voor de Thais”, aldus een westerse bankier.

“Er moesten twee dingen gebeuren voordat het plan werd gepresenteerd,” aldus een analist van een Britse bank in Bangkok. “Ten eerste moet buitenlands kapitaal makkelijker Thailand binnen kunnen komen en ten tweede moet het voor buitenlandse partijen ook aantrekkelijk zijn om nu weer in Thailand te investeren. Aan de eerste voorwaarde is ten dele voldaan, maar aan de tweede niet. Dit plan geeft nog lang niet het noodzakelijke vertrouwen.”

De nationale economie belandde begin juli in een financiële crisis, nadat de regering de koppeling tussen de dollar en de baht moest loslaten. De koers van de baht en de aandelenkoersen kelderden. Al eerder was een groot aantal Thaise financiële instellingen in liquiditeitsproblemen gekomen door 'slechte leningen' in met name de onroerend-goedsector. Ruim de helft van bijna honderd financiële instellingen voorlopig gesloten.

IMF-topman Michel Camdessus uitte vorige maand felle kritiek op de traagheid waarmee de Thaise autoriteiten in hun eigen crisis ingrijpen. Camdessus zei gisteren in een verklaring vanuit Washington tevreden te zijn dat de “sterkst mogelijke criteria” zijn geaccepteerd en dat alleen “de sterkste financiële instellingen” mogen heropenen. Een woordvoerder van de Wereldbank noemde de nieuwe bezuinigingen van de Thaise regering “een redelijk goed pakket, gegeven de technische en juridische moelijkheden.”

Volgens minister Thanong zullen Thaise en buitenlandse schuldeisers vanaf nu een gelijke behandeling krijgen bij de sanering van de financiële sector. Buitenlandse investeerders kunnen bovendien voortaan een groter aandeel in Thaise financiële instellingen nemen. De bestaande limiet, die het aandelenbelang voor buitenlanders beperkte tot 25 procent, wordt opgetrokken tot 49 procent.

De Nederlandse ING Bank lijkt als een van de eerste grote internationale banken gebruik te willen maken van de gevolgen van de Thaise crisis. ING-bestuurder C. Maas zei vanmorgen op een persconferentie in de Thaise hoofdstad Bangkok dat de bank bezig is de laatste hand te leggen aan een akkoord over een deelneming van tien procent in Siam City Bank, een middelgrote Thaise bank. Met de investering is volgens Maas een bedrag gemoeid van 35 tot 40 miljoen dollar. Als ING tot een akkoord komt met de Thaise bank wordt het Nederlandse bank- en verzekeringsconcern de grootste buitenlandse aandeelhouder binnen Siam City Bank.