'Geen dreigende handelsoorlog VS-EU'

BRUSSEL, 15 OKT. De Europese Unie en de Verenigde Staten hebben gisteren beide ontkend dat er een handelsoorlog dreigt als vandaag het geschil niet wordt opgelost over de Amerikaanse wetgeving die het mogelijk maakt buitenlandse ondernemingen te straffen die zaken doen met Cuba, Libië en Iran.

Bij een onderbreking van een gisteren begonnen tweedaagse onderhandelingsronde in Brussel zei de leider van de Amerikaanse delegatie, Alan Larson, te hopen dat de besprekingen na vandaag voortgezet kunnen worden. De leider van de EU-onderhandelaars, Gerald Depaire, ontkende dat de datum van 15 oktober die in een Amerikaans/Europees akkoord van april dit jaar is genoemd, een deadline is. Hij zei dat slechts bedoeld was dat de EU en de VS “de grootste inspanningen zouden doen” om voor deze datum tot overeenstemming te komen.

Beide partijen zeiden gisteravond wel te hopen dat bij de onderhandelingen vandaag substantiële vooruitgang wordt geboekt. Volgens EU-functionarissen is de EU niet van plan om een klacht bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO) te activeren als vandaag de onderhandelingen niet worden afgerond. De EU heeft bij de WTO een klacht ingediend tegen de Helms-Burton wetgeving, waardoor bedrijven gestraft kunnen worden die zaken doen met Cuba. Bij het akkoord van april werd deze klacht opgeschort.

De EU-onderhandelaars zeiden dat zolang de VS geen sancties opleggen aan Europese ondernemingen - wat sinds april ook niet is gebeurd - er voor de EU geen reden is om de opschorting van de klacht bij de WTO te beëindigen. In april 1998 vervalt de EU-klacht bij de WTO. Daarmee vervalt de Europese dreiging de Amerikaanse wetgeving aan de WTO voor te leggen niet, omdat de EU-klacht eenvoudig opnieuw ingediend kan worden.

EU-functionarissen wilden gisteren ook niet praten over de dreiging dat de Amerikaanse regering op basis van de d'Amato-wetgeving tegen bedrijven die zaken doen met Libië of Iran, de Franse oliemaatschappij Total sancties zouden kunnen opleggen.

Total heeft onlangs een overeenkomst getekend ter waarde van twee miljard dollar voor de ontwikkeling van een gasveld in Iran. De functionarissen zeiden dat ondanks de EU-bezwaren tegen de d'Amato-wetgeving, de normale besprekingen tussen de EU en de VS over het beleid ten aanzien van Iran doorgaan.

De EU heeft daarbij de indruk dat de Europese opstelling tegenover Iran - met een zogenaamde 'kritische dialoog' en de weigering om EU-ambassadeurs naar Teheran te sturen zolang een diplomatiek conflict niet is opgelost - geheel in lijn is met de d'Amato wetgeving, die gericht is tegen steun aan regeringen die terrorisme bevorderen.

Volgens EU-functionarissen zijn de onderhandelingen over het geschil met de VS tot nu toe “uitzonderlijk langzaam en pijnlijk” geweest en bestaat er nog een grote kloof tussen de partijen. De Europese Commissie wil morgen verslag uitbrengen aan de EU-lidstaten over het verloop van de besprekingen. De Amerikaanse onderhandelaar Larson wilde geen uitkomst van de onderhandelingen voorspellen, maar zei er wel op te rekenen dat ze “productief” zullen zijn.