Brinkman vraagt via rechter om onderzoek

UTRECHT, 15 OKT. De ontslagen korpschef van het regiokorps Rotterdam-Rijnmond, J.W. Brinkman, stapt opnieuw naar de rechter. Hij eist een nieuw onderzoek naar de mogelijkheid om terug te keren op zijn post. Dat heeft Brinkman gisteren bekendgemaakt.

Brinkman stelt dat SER-voorzitter K. de Vries zich in zijn onderzoek niet heeft gehouden aan de opdracht van de president van de Haagse rechtbank. Die bepaalde begin vorige maand dat moest worden onderzocht of de korpschef zou kunnen terugkeren. Volgens Brinkmans advocaat, C. van Leeuwen, heeft De Vries “een zeer eenzijdig verhaal” afgeleverd, waarin geen woord van kritiek aan het adres van burgemeester Peper van Rotterdam is te vinden.

De mogelijkheid dat Brinkman terugkeert, zou De Vries niet serieus hebben onderzocht. Volgens Van Leeuwen had De Vries conform de uitspraak van de rechter een “positief-constructief onderzoek” moeten instellen.

Als de rechter niet instemt met een nieuw onderzoek, wil Brinkman de rechter verzoeken om door middel van een einduitspraak het bedrag van de schadevergoeding voor zijn ontslag in een versnelde procedure vast te stellen.

“Het is niet onze bedoeling om zo lang mogelijk processen te voeren tegen de staat”, zei Brinkman gisteren. “Het kan mij niet snel genoeg naar een oplossing toegaan. Maar ik vind wel dat ik recht heb op een faire oplossing.”

Tegelijkertijd hebben Brinkman en zijn advocaat gisteren in een gesprek met minister Dijkstal (Binnenlandse Zaken) gevraagd een arbitragecommissie in te stellen, die de hoogte van de schadevergoeding voor Brinkman moet bepalen. Die commissie zou moeten bestaan uit drie personen, één aan te wijzen door de minister en één door Brinkman. Samen zouden die twee een derde lid moeten kiezen. Dijkstal heeft het voorstel in beraad gehouden. Als Dijkstal hiermee instemt, zal Brinkmans advocaat ervan afzien de rechter om een einduitspraak over de schadevergoeding te vragen.

Brinkman heeft gisteren een rapport ingeleverd waarin de hoogte van de materiële en immateriële schade wordt vastgesteld. Hij wil geen mededelingen doen over de hoogte van het bedrag. Brinkman overweegt voorts burgemeester Peper van Rotterdam in een bodemprocedure persoonlijk aansprakelijk te stellen voor een aantal “grievende” passages in een rapport van 24 juni aan minister Dijkstal over de vertrouwensbreuk met de ex-korpschef. Daarin stelde Peper dat Brinkman “pyschisch ongeschikt” was voor zijn functie en dat hij in de ban was van een goeroe, de psycholoog T. Lankamp. Of het daadwerkelijk tot een procedure tegen Peper komt, hangt af van de hoogte van de schadevergoeding die wordt overeengekomen met Dijkstal, aldus Brinkman. “We houden dat nog in onze achterzak.”

Dijkstal neemt begin volgende week een beslissing over het bezwaar dat Brinkman heeft aangetekend tegen zijn ontslag.

Als Brinkman opnieuw een juridische procedure begint, zal Dijkstal die beslissing mogelijk aanhouden, liet hij gisteren weten.