Bolkestein verrast Franse regering onaangenaam

DEN HAAG, 15 OKT. Parijs is onaangenaam verrast over de uitspraken van Bolkestein. De VVD-leider zei maandagavond tijdens een spreekbeurt in Assen dat Nederland “in het uiterste geval” zijn grenzen moet sluiten voor Irakezen - naar Frans voorbeeld. De verrassing bij de Fransen was zó onaangenaam dat de Franse ambassade in Den Haag gisteren besloot een communiqué uit te geven, waarin de uitspraken worden tegengesproken.

Frankrijk kàn zijn grenzen namelijk niet sluiten voor vluchtelingen. Het land heeft, evenals Nederland, het Vluchtelingenverdrag van Genève (1951) ondertekend en is daardoor verplicht de aanvraag van mensen om asiel te behandelen. Wel hebben de lidstaten van de Europese Unie begin jaren negentig in Dublin een overeenkomst gesloten, waarin staat dat een vluchteling asiel moet aanvragen in het eerste 'veilige' land dat hij betreedt. De lidstaten hebben daartoe een lijst met veilige landen opgesteld.

Frankrijk maakt daarvan gebruik bij de uitzetting van Irakezen die via Italië zijn gekomen. Zij worden teruggestuurd naar Italië. Daarnaast heeft Frankrijk een bilateraal verdrag gesloten over Irakezen die geen asiel aanvragen, geen verblijfsvergunning hebben en via Italië naar Frankrijk zijn gekomen, aldus de Franse ambassade. Italië moet hen dan ook maar terugnemen.

Nederland heeft meer problemen dan Frankrijk met het terugsturen van asielzoekers die over land naar Nederland zijn gekomen. De praktische uitvoering zorgt dan vooral voor problemen - een mogelijke verklaring voor Bolkesteins pleidooi van maandagavond in Assen.

De enige 'buitengrens' van Nederland ligt in het westen: de haven van Rotterdam, het vliegveld van Amsterdam. Nederland moet de aanvragen van asielzoekers die hier binnenkomen in behandeling nemen. Maar de meeste Irakezen komen over land naar Nederland, zegt een woordvoerder van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) desgevraagd. “Turkije speelt een belangrijke rol; van daaruit gaan de Irakezen in busjes of vrachtwagens naar Nederland”, aldus de woordvoerder.

Waarom stuurt Nederland deze Iraakse asielzoekers dan niet terug naar Duitsland, België of Franrijk? “We kunnen niet aantonen dat de Iraakse asielzoeker daadwerkelijk via die landen is gekomen”, antwoordt de woordvoerder. De vreemdelingenpolitie kamt busjes en jaszakken wel uit op zoek naar kassabonnetjes van een Franse supermarkt, maar ze vindt vaak niets. Frankrijk weigert de Irakees dan terug te nemen.

Nederland moet met harde bewijzen komen om de buurlanden te bewegen asielzoekers terug te nemen. Soms lukt dat. Bosnische asielzoekers aan de Nederlandse grens bijvoorbeeld, die eerder in Duitsland asiel hebben aangevraagd, worden zonder problemen teruggestuurd. Duitsland heeft immers hun vingerafdrukken genomen bij de eerdere asielaanvraag aldaar.

Onlangs waarschuwde minister Van Mierlo (Buitenlandse Zaken) zijn Europese collega's goed hun buitengrenzen te controleren. Vooral Italië en Griekenland met zijn talrijke eilandjes zouden een gatenkaas zijn.

Op haar beurt heeft de Tweede Kamer opnieuw gepleit voor burden sharing; het aantal asielzoekers dat naar Europa komt, moet dan evenredig over de Europese lidstaten worden verdeeld. Het is vooral een vingerwijzing naar Frankrijk, dat bekend staat om zijn zeer restrictieve toelatingsbeleid. Maar staatssecretaris Patijn (Buitenlandse Zaken) waarschuwde de fracties in de Kamer ook direct voor de consequenties van burden-sharing. Binnen de Europese Unie vangt Frankrijk immers verreweg de meeste Algerijnen op, vooral vanwege het koloniale verleden. Burden sharing betekent dat Nederland meer Algerijnen zou moeten opvangen, aldus de staatssecretaris.