Coward zonder dubbele bodems

Voorstelling: Hooikoorts (Hay fever) van Noël Coward. Regie: Alan Strachan. Spelers: Anne-Wil Blankers, Bram van der Vlugt, Hugo Haenen, Maike Meijer, Hymke de Vries, e.a. Decor: Herman van Elteren. Vertaling: Marcel Maas. Gezien: 11/10 in Theater aan de Parade, Den Bosch. Tournee t/m 21/2. Inl. 020-675 09 66.

“Jullie zijn om gek te worden, zo onecht!” roept een van de gasten tegen de leden van het gezin Bliss, bestaande uit een ex-actrice die theatraal is gebleven, een succesvol schrijver van flutromans en hun zoon en dochter die twee verwende krengen zijn. Hun leven is theater; ze spelen spelletjes met elkaar en ondergaan weliswaar tijdens een weekend met vier onverwachte gasten een pijnlijk ogend démasqué, maar als het doek valt is ieder weer terug in de eigen rol. Zelden zeggen ze wat ze menen - en wat ze zeggen, menen ze meestal niet. Hooikoorts is, met andere woorden, een stuk van Noël Coward. Het dateert uit 1925 en is nu in een nieuwe Nederlandse versie te zien, die de handeling zorgvuldig in die tijd heeft gelaten. De aankleding is tot in de puntjes verzorgd, net als bij de drie vorige Coward-stukken die producent Gislebert Thierens sinds 1991 heeft gepresenteerd, steeds met Willem Nijholt in de charmant-vileine hoofdrol. Maar hier is de actrice Judith Bliss de hoofdpersoon; vlak na de oorlog is het stuk in Nederland zelfs eens gespeeld onder de koddige titel Die malle mrs. Bliss, met Tilly Perin-Bouwmeester in de titelrol. En halverwege de jaren zestig maakte Mary Dresselhuys er goede sier mee in een voorstelling die toen ook op de televisie is uitgezonden.

Nu is Anne-Wil Blankers de ster van de show. Ook haar mevrouw Bliss vervalt op gezette tijden in dramatiek, maar ze is vooral laconiek en zelfs af en toe bepaald hartelijk. Vaak straalt ze warmte uit, in plaats van de ijzigheid die ze achter haar masker verborgen moet hebben. Dat ze zo onecht zou zijn, heb ik bij haar nauwelijks gezien. En evenmin bij de andere gezinsleden. Hoewel er om haar heen een goed ingespeeld en hecht ensemble ronddartelt, laat de in dit genre toch zo ervaren Britse regisseur Alan Strachan een vlotte blijspeltoon overheersen die Hooikoorts nogal gewoontjes maakt - en daardoor in veel van de exposé-scènes ook nogal saai, hetgeen voor Coward een doodzonde was.

Van de dubbele bodem die de figuren in zijn stukken hebben, is hier dan ook weinig te zien. De acteurs spelen alsof hun personages het menen, en dat was nu juist niet de bedoeling. “Jij zegt altijd de goeie dingen”, zegt de dochter des huizes immers op dweperige toon tegen de diplomatieke diplomaat die één van de gasten is, “en niemand heeft enig idee wat je denkt. Daar ben ik dol op.” Dat is een sleutelzin, denk ik, die in deze versie goeddeels is genegeerd.