Schadevergoeding na nucleair lek in Israel

TEL AVIV, 13 OKT. De rechtbank in Tel Aviv heeft eind vorige week 1,4 miljoen gulden schadevergoeding toegekend aan de nabestaanden van een technicus die tijdens zijn werk in de atoomreactor in Dimona kanker heeft gekregen. Driemaal werd hij bij ongelukken in de reactor aan straling blootgesteld.

De rechtbank stelde vast dat de man, die in 1989 op 43-jarige leeftijd overleed, leukemie had gekregen als gevolg van een te hoge dosis radioactiviteit waaraan hij tijdens zijn werkzaamheden in de reactor was blootgesteld. De uitspraak heeft de weg geopend voor uitkering van schadevergoeding aan tientallen werknemers bij de atoominstallatie in Dimona die eveneens tijdens hun werk kanker zouden hebben gekregen. De Israelische atoomautoriteit zal tegen de uitspraak van de Tel-Avivse rechtbank in beroep gaan.

Tot dusverre liepen eisen tot schadevergoeding vast op de strikte geheimhouding waarmee de installatie in Dimona zich heeft omringd. Zonder dat zij haar geheimen heeft moeten prijsgeven, is de rechtbank aan de hand van medische rapporten tot de conclusie gekomen dat het met de veiligheidsmaatregelen in de nucleaire installatie in de Negev-woestijn heel droevig is gesteld. De rechtbank concludeerde dat de leiding van de reactor er geen rekening mee houdt dat de werknemers buiten hun werk, tijdens medische behandelingen waarbij bijvoorbeeld röntgen-foto's moeten worden gemaakt, ook straling absorberen. Het niveau van de straling waaraan de werknemers in de reactor in Dimona worden blootgesteld wordt om onder andere deze reden door de rechtbank te hoog geacht. “De houding van de leiding is verontrustend”, oordeelde de rechtbank. De rechters oefenden scherpe kritiek op de onbetrouwbaar geachte getuigenis van een directeur van de installatie. Deze had volgens de rechtbank een te mooi beeld gegeven van de veiligheidsmaatregelen.