Pathos en spanning in portret Otto Ketting

Het uur van de wolf (NPS): Gestold koraal, Ned.3, 23.08-0.03u.

Werden de eerste twee seizoenen van de wekelijkse reeks cultuurprogramma's van de NPS onder het motto Het uur van de wolf gekenmerkt door sterke fluctuaties in de kwaliteit, het programma van redacteur Cees van Ede heeft vanaf deze zomer een constante lijn te pakken. Je kunt nu min of meer blind op de late maandagavond op Nederland 3 afstemmen om een zinnig en leerzaam, met verstand van zaken en gevoel voor het onderwerp gemaakt kunstprogramma voorgeschoteld te krijgen. De keuze van die onderwerpen is nooit meer gratuit, en ook over de selectie van de programmamakers lijkt goed nagedacht te zijn.

Filmer Kees Hin, die in de jaren zeventig naam maakte met vele producties voor de toenmalige NOS-kunstrubriek Beeldspraak, gedijt uitstekend in deze omgeving. Hij regisseerde nu voor Het uur van de wolf onder de titel Gestold koraal een filmportret van componist Otto Ketting (Amsterdam, 1935), aan wie dezer dagen in Den Haag het Festival in de Branding gewijd is. Hin en Ketting zijn oude vrienden; de laatste componeerde muziek voor vele films van Hin, waaronder de lange speelfilm Het schaduwrijk (1993), en samen schreven ze het libretto voor Kettings opera Ithaka (1986). Volgens zuiver journalistieke normen ligt het dus niet voor de hand om zo'n portret aan een intimus toe te vertrouwen, maar juist het gebrek aan afstand tot het onderwerp maakt van Gestold koraal een spannend televisieprogramma.

De videocamera van Martijn van Beenen zit Ketting dicht op de huid; ook de geïnterviewde andere vrienden van de componist (musicoloog Maarten Brandt, leerling-componist Klaas de Vries en schoonzuster Margriet de Moor) worden gevangen in nauwe kaders en spreken met soms exuberant pathos, dan weer met zorgvuldig geformuleerde bewondering en liefde over de hoofdpersoon. De aarzelende en intense toon van hun woorden geeft aan dat dit geen milieu is waar kleffe schouderklopperij de regel is; de oprecht klinkende argumenten waarmee Ketting geprezen wordt als een internationaal toonaangevend componist maken meer nieuwsgierig naar de moderne Nederlandse muziek dan welke overheidsmaatregel ook zou vermogen.

Omdat Ketting ook filmmuziek schrijft (en dat genre ernstiger neemt dan onder serieuze componisten gebruikelijk is), experimenteert Hin met het toevoegen van beelden aan Kettings muziek en het onderzoeken van de betekenis van de combinatie. Ook licht Ketting aan de hand van voorbeelden uit zijn eigen werk (bij voorbeeld Bert Haanstra's lange documentaires Alleman en Bij de beesten af) toe hoe hij te werk is gegaan. Het lijkt erop dat de gebondenheid van een filmcomponist aan het ritme van al gemonteerde beelden Ketting juist een zekere vrijheid verschaft, zonder zijn eigen stijl geweld aan te doen.

Opmerkelijk zijn sommige uitspraken van de vrienden: De Moor formuleert met grote aarzeling dat de muziek misschien wel de met ernstige gezondheidsproblemen worstelende Ketting het leven heeft gered. Niet snel vergeet je ook de clowneske en erudiete passie waarmee Brandt een 'monumentale' overgang in een werk van Ketting aanduidt, met zijn hele lichaam zichtbaar meegenietend, als een muzikale Pierre Janssen, of de gezichtsuitdrukking van Kettings volwassen dochter Sophie, wanneer Hin haar confronteert met het voor haar als kind geschreven stuk voor sopraan en orkest The Light of the Sun. Het gaat tegen alle gangbare televisiewetten in, maar zwijgende of aarzelende mensen zeggen de goede verstaander soms meer dan radde praters, die geleerd hebben bang te zijn voor stilte.