Angola raakt betrokken bij oorlog in Congo/B

LUANDA/ NEW YORK, 13 OKT. De burgeroorlog in Congo (Brazzaville) heeft gisteren een nieuwe dimensie gekregen met gevechten tussen Angolese troepen en het regeringsleger van de Congolese president Pascal Lissouba.

Beide zijden gaven elkaar de schuld van de strijd, waarvan nog onduidelijk is waar die zich afspeelde. Volgens een woordvoerder van de Angolese president, Eduardo dos Santos, had het Congolese leger Angolese troepen in de olierijke enclave Cabinda aangevallen. In een eerder communiqué van het Angolese ministerie van Defensie werd melding gemaakt van aanzienlijke materiële schade.

Het opperbevel in Brazzaville meldde daarentegen dat zwaar bewapende Angolese troepen vanuit Cabinda een inval hadden gedaan in het economisch belangrijke zuiden van Congo, dat tevens woongebied is van president Lissouba. Een woordvoerder van het opperbevel verklaarde dat de Angolese militairen op weg waren naar de stad Loudima, een van twee zuidelijke steden die de rebellerende Cobra-militie van voormalig president Denis Sassou Nguesso zegt te hebben ingenomen.

De burgeroorlog in Congo begon in juni, toen president Lissouba het leger op de residentie van zijn oude vijand Sassou Nguesso afstuurde om diens militie te ontwapenen voorafgaand aan de (inmiddels geannuleerde) algemene verkiezingen. De twee partijen hielden elkaar geruime tijd in evenwicht tijdens moordende gevechten in Brazzaville en elders in het land. Maar de afgelopen weken heeft de Cobra-militie een groot offensief gelanceerd en daarbij onder andere de regerings- en zakenwijken van de hoofdstad veroverd. Ook de luchthaven zou nu in haar handen zijn.

Er zijn geruchten dat de Angolese oppositiebeweging UNITA president Lissouba hulp levert in zijn strijd tegen zijn rivaal. Volgens Westerse diplomaten in de Angolese hoofdstad Luanda staat in elk geval vast dat de Angolese regering de kant van de Cobra-militie heeft gekozen, en dat zij versterkingen naar Cabinda heeft gestuurd. Zij konden echter niet bevestigen dat Angolese troepen daadwerkelijk Congo zijn binnengevallen.

De Angolese steun voor de Congolese rebellen heeft volgens de diplomaten te maken met een oude vriendschap tussen Dos Santos en Sassou Nguesso en met het verlangen van de Angolese regering zowel de UNITA als separatisten van het Flec-Flac in Cabinda te verzwakken, die beide weer door Lissouba worden gesteund. “De Angolese regering ziet nu mogelijk een kans met Lissouba af te rekenen”, aldus een diplomaat.

Intussen hebben de Verenigde Staten en de overige permanente leden van de Veiligheidsraad van de VN ermee ingestemd dat voorbereidingen voor een vredesmacht in Congo worden versneld. De secretaris-generaal zal hiertoe nog deze week aanbevelingen doen. Daadwerkelijke stationering van een vredesmacht hangt overigens af van het bereiken van een duurzaam bestand. (Reuter, AFP)