Kerk en Staat (1)

Kardinaal Simonis heeft als hoofd van de rooms-katholieke kerk in Nederland niet alleen het recht maar zelfs als plicht mensen te wijzen op de gevaren voor de samenleving die het abortus- en euthanasie-beleid met zich meebrengt.

Dat minister Borst meent hem daarover te moeten kapittelen (NRC Handelsblad, 6 oktober), duidt erop dat de minister de scheiding tussen Kerk en Staat uit het oog dreigt te verliezen. Daarnaast benadrukt zij dat de mening van kardinaal Simonis niet wordt gedeeld door het Vaticaan, dat “een veel genuanceerder oordeel” zou hebben.

Dezelfde opmerking hebben wij reeds van haar gehoord na haar bezoek samen met minister Van Mierlo aan het staatssecretariaat van het Vaticaan. Van de zijde van het staatssecretariaat is echter geen enkele mededeling gedaan over het onderhoud die erop zou kunnen duiden dat men ten Vaticane ten opzichte van abortus en euthanasie nu een andere houding heeft dan in het verleden.

Als kardinaal Simonis dus abortus en euthanasie ten strengste veroordeelt, verkondigt hij onverkort het standpunt van de rooms-katholieke kerk. Als hij daaraan een diagnose met betrekking tot het toenemende geweld en gebrek aan eerbied voor het menselijke leven in de samenleving verbindt, is dat zijn goed recht als kerkelijk leider. Minister Borst mag daar uiteraard anders over denken, maar zij moet zich niet aanmatigen te suggereren dat de kardinaal daarover een ander standpunt huldigt dan de Wereldkerk zou doen; ministers hebben zich te onthouden van doctrinaire toetsing van de standpunten van kerkleiders.