Heer

Scheidsrechters zijn gevoelige mensen. Ze hebben in hun gang naar de stadions te veel herfstbladeren gezien. Lopend over zo'n rottend tapijt ga je toch nadenken over de vergankelijkheid der dingen, de kilte van het leven, de poes die zo vroeg blind is geworden en het onpeilbare mysterie van trekvogels die mens en land verlaten.

Hoe fluit je je dan nog warm?

Voetballers hebben gemakkelijk praten. Zij lopen met het hoofd in de wind, belaagd door jonge meisjes die een handtekening willen. Zij zijn, buiten het stadion, nooit naar de aarde gekeerd.

Herfstbladeren, waar dan? Het veld ligt er prima bij, man. We spelen zelfs op zomernoppen.

Er moet iets gevonden worden om arbiters voor de wedstrijd uit hun zwaarmoedigheid te verlossen. De scheids mag uren voor de wedstrijd geen herfstblaadje meer zien. Bespaar hem die troosteloze Alleingang naar het stadion, dan doet het contrast tussen zijn Opel Vectra en de lintworm van Landrovers of BMW's op de parkeerplaats ook minder pijn. Waarom hem niet per helicopter laten neerdalen in de middencirkel? Alwaar hij dan begeleid door twee hostessen met gebakken haren en veel kwettermuziek naar zijn hokje wordt afgevoerd. In paradepas.

In de scheidskamer moet het altijd zomeren. Een Karel Appelbehang, fles Taittinger op tafel, zacht toiletpapier met een bloemetjesmotief, fluwelen kapstokken die ruisend in de hand liggen en minstens een pakje Stimorol.

De arbiter moet denken: dit had mijn vrouw moeten zien. Juist de kamer voor scheidsrechters moet de grandeur van het ereterras ademen.

Nog een opsteker: laat het scheidsrechterstrio als eersten het veld betreden, los van de elftallen. De stadionspeaker vraagt om een daverend applaus voor de moedige mannen die het beladen duel zullen opluisteren met de charme van hun rechtvaardigheid. De video laat zien hoe ze na afloop van de wedstrijd uit het vorig seizoen op de receptie gezellig stonden te keuvelen met de captains van de twee elftallen. Er werd zelfs gelachen. Net mensen.

Geef de arbiter de status van hogepriester. Het kan makkelijk, maar dan moeten de heren wel weer op zwart. Die FIFA-kleuren hebben het prestige geen goed gedaan. Zwart is de kleur.

Niet eens een wit boordje aan de kousen. Zwart van kop tot teen, en natuurlijk het liefst in een lange korte broek, tot net boven de knieën. Het leeftijdsverschil moet zichtbaar blijven.

De postmodere arbiter is veredeld in zijn optreden. Hij loopt niet meer over het veld, hij schrijdt. Iedereen herkent hem als de look-alike van een hoge diplomaat. Korte, haast onzichtbare gebaren, het zuinige, vertraagde spreken, verlegen om de grofheid van anderen, hoofdschuddend bij misverstanden.

En ook: de haren strak gekamd; krullen noch kaalgeschoren koppen. Altijd een mooie witte zakdoek die ostentatief wordt uitgevouwen om het zweet te deppen.

Na het laatste fluitsignaal buigen arbiter en lijnrechters naar het publiek en lopen vervolgens in een grondeloos zwijgen het veld af.

Geloof me, de wereld kantelt.

Een enkele onverlaat zal blijven roepen: hondenlul. Misschien zal een debiel spreekkoortje na een licht toegekende strafschop nog even proberen het marsritme erin te houden met 'schele otter'

en er is altijd wel een krijsend wijf dat weet dat de scheids een hoerenloper is. Zij kon het weten. Maar het blijven mineure incidenten die de waardigheid van het arbitrale gezelschap niet meer raken. De heren zweven op de metamorfose van het ingebeelde eerbetoon.

Volgend jaar is het weer PSV-Heerenveen. Halverwege de wedstrijd hoort Roelof Luinge een verschrikkelijk rauwe kreet: Hoerenveen! De nieuwe Luinge geeft geen krimp. Hij volgt het spel als in zijn beste dagen, op afstand, onbewogen, vertederd door de fles Taittinger die op hem wacht. Cocu scoort en de kreet sterft langzaam uit. De westrijd is geen minuut stilgelegd.

Het tribuneplebs is diep teleurgesteld. Wat is er in godsnaam met die Luinge gebeurd? Waarom doet Hoerenveen het niet meer? Zou de kreet uit de mode zijn? Had die Luinge een stop in de oren? Er komt geen einde aan de ontreddering.

Meneer Luinge was een heer geworden.