Vredesoperaties vergen heldere voorwaarden

Tien van oorlogsmisdaden verdachte Kroaten uit Bosnië meldden zich afgelopen maandag bij de Scheveningse gevangenis waar zij werden ingesloten in afwachting van hun berechting door het Joegoslavië-Tribunaal. Het wachten is nu op de Servische psychiater KaradziEÉc en op diens kompaan generaal MladiEÉc.

NAVO-troepen oefenen hun arrestatie, zoals op televisie te zien is geweest. Bosnië is niet bezet gebied, maar SFOR, de internationale stabilisatiemacht, gedraagt zich meer en meer als bezettingsleger. Onlangs werden de Serviërs in Pale gedwongen hun zendstations over te dragen aan de Serviërs in Banja Luka omdat hun berichtgeving partijdig werd geacht.

In Bosnië wordt geleidelijk aan een methode - confrontatie van de bevolking met de werkelijkheid - toegepast die herinneringen oproept aan de heropvoeding van het Duitse en het Japanse volk na 1945. Weliswaar vloeien de akkoorden van Dayton niet voort uit een volkenrechtelijke capitulatie, maar partijen in de voorafgaande burgeroorlog hebben zich in die Amerikaanse stad, onder zware druk, verplicht tot medewerking aan de opbouw van een nieuwe, etnisch geïntegreerde, staat. Die medewerking blijkt nu te worden afgedwongen. Het machtswoord van de internationale gemeenschap heeft op zich laten wachten. Kostbare tijd is verloren gegaan.

Het gaat intussen om meer dan de herinrichting van de staat Bosnië. De geloofwaardigheid van de internationale vredeshandhaving is in het geding. De staat van dienst van de internationale gemeenschap op dit gebied is tot dusver weinig overtuigend. In een rij van landen is geïntervenieerd, maar zonder beklijvend resultaat. Het resultaat van interventies die als succesvol golden, blijkt na enige tijd te zijn verlopen. Zie Cambodja, waar oude tegenstellingen de onder VN-auspiciën gevestigde orde weer hebben opgeblazen. Op Cyprus tekent zich, ondanks een jarenlange VN-aanwezigheid op het eiland, niet een begin van verzoening af.

Het eens rijke Angola, waar de burgeroorlog de zoveelste fase is ingegaan, is een triest voorbeeld van mislukkende internationale bemoeienis. De slachtpartijen in Rwanda vielen samen met een overhaaste vlucht van VN-personeel toen blauwhelmen het doelwit werden van de moordenaarsbenden van het Hutu-regime. Vervolgens bleek de animo bij de internationale gemeenschap om gewapend in te grijpen en aan de genocide een einde te maken nihil. De latere wraak van de Tutsi-legers op Hutu-vluchtelingen in Zaïre (het huidige Congo) was het gevolg.

Somalië is tot nog toe wel het sprekendste voorbeeld van een goed bedoelde en grootscheepse interventie die in ontreddering eindigde. Maar actueler zijn de gebeurtenissen in Irak. Na de Golfoorlog werden in dat land veilige zones ingesteld voor door Saddam Hussein belaagde minderheden. In het Koerdische noorden woedt inmiddels een burgeroorlog, en maakt het Turkse leger ongehinderd jacht op de Turks-Koerdische PKK. In het shi'itische zuidoosten van Irak bombardeert de Iraanse luchtmacht kampementen van gewapende Iraanse dissidenten. Van veiligheid voor de bevolking is in die zones geen sprake.

De resultaten van de verschillende vredesoperaties zijn verwarrend en tegelijk veelzeggend. Soms legde men zich erbij neer dat één partij in korte tijd de overwinning behaalde, soms duurt de internationale bemoeienis vele jaren lang. In Rwanda heeft de Tutsi-minderheid ongehinderd de macht gegrepen, in het naburige Congo Tutsi-bondgenoot Kabila. De laatste is tussenbeide gekomen in een burgeroorlog in Congo-Brazzaville. Of de snelle successen van de overwinnaars in de betrokken landen tot duurzame vrede zullen leiden, moet worden afgewacht.

In Bosnië is het heel anders gelopen. De internationale gemeenschap had met het oog op haar bemiddeling in de oorlog in Kroatië al een hoofdkwartier in Sarajevo ingericht nog voor die oorlog naar Bosnië oversloeg. Binnen korte tijd kwam de Bosnische hoofdstad zelf in de vuurlinie te liggen en dat zou een aantal jaren zo blijven. De ingezette blauwhelmen moesten neutraal blijven, blind als de internationale gemeenschap wenste te zijn voor het zware militaire overwicht van de Servische partij in het conflict. Geen 'good guys' en geen 'bad guys' was het parool dat aan de vredessoldaten werd meegegeven om hun strikt humanitaire taak te volbrengen. Er is wel van een geheim scenario gesproken dat in een opdeling van Bosnië tussen Servië en Kroatië voorzag. Amerikaanse bemoeienis heeft dat voorkomen.

Nog steeds gaat de theorie uit van een scala aan mogelijkheden voor vredeshandhaving. Maar inmiddels staat vast dat operaties van blauwhelmen aan voorwaarden moeten worden gebonden. In een mêlee als in Bosnië ontstond, hadden lichtbewapende vredestroepen niets te zoeken. In Kroatië hebben ze daarentegen zinvol werk verricht - nadat de Serviërs hun oorlogsdoelen hadden bereikt en herstel van de Joegoslavische eenheid niet langer een haalbare militaire optie was.

De ervaring van de reeks van internationale interventies sinds de val van de Muur plaatst een vraagteken bij het nut van een parate internationale brigade in dienst van vredeshandhaving. In de Assemblee van de VN is dit jaar van dat initiatief niet veel vernomen. Volgens de promotors destijds zou een dergelijke brigade in Kigali, de hoofdstad van Rwanda, veel onheil hebben kunnen voorkomen. Maar dan alleen als er een plan voor een geïntegreerd en pluriform Rwanda had klaar gelegen en de politieke wil had bestaan om zo een plan uit te voeren. De tijd dat een handvol blanke geüniformeerden een Afrikaanse rebellie konden bezweren is lang voorbij. Studies van de logistieke mogelijkheden in het gebied van de Grote Meren hebben aangetoond hoe bezwaarlijk een op tegenstand stuitende interventie daar zou zijn geweest.

Zelfs de inzet in Bosnië van een zwaar bewapende NAVO-strijdmacht is geen eenvoudige garantie voor succes gebleken. De NAVO werd actief nadat Kroaten en moslims het spits hadden afgebeten en de Serviërs een zware nederlaag hadden toegebracht. Vredeshandhaving is de NAVO vervolgens goed afgegaan, maar in de volgende fase van wederopbouw en herinrichting van de Bosnische staat moet zij zichzelf nog bewijzen.

De les uit al die interventies is: de inzet van militaire formaties, van welke omvang en samenstelling dan ook, is ontoereikend zolang de politieke opdrachtgevers niet bereid zijn uit de voorliggende situatie de consequenties te trekken. Ook in Bosnië is de onzekerheid nog niet overwonnen.