KNVB slaat uitnodiging af; Hiddink blijft hopen op duel tegen Brazilië

NOORDWIJK, 10 OKT. Bondscoach Guus Hiddink wil met het Nederlands elftal vóór het WK voetbal in Frankrijk tegen Brazilië spelen. Bij de KNVB ligt een uitnodiging van de regerend wereldkampioen om in het land van Romario en Ronaldo een oefeninterland te spelen. De Nederlandse voetbalbond heeft de uitnodiging in verband met clubbelangen echter afgewezen.

“Het probleem is dat onze programma's niet sporen”, zei Hiddink gisteren op een persconferentie in Noordwijk, waar het Nederlands elftal zich voorbereidt op de laatste WK-kwalificatiewedstrijd tegen Turkije, morgen in de Arena in Amsterdam. “Maar ik wil de komende weken nog een laatste poging ondernemen”, zegt Hiddink. “Zo'n ontmoeting in Brazilië is zeker aantrekkelijk.”

De bondscoach is in gedachten al bezig met de voorbereiding op het wereldkampioenschap van 1998. Dit jaar komt het Nederlands elftal niet meer in actie. In de week na PSV-Ajax op 12 februari wil Hiddink met de selectie naar Florida reizen en enkele oefenwedstrijden spelen, onder meer tegen het gastland Verenigde Staten. De bondscoach had gehoopt in de Verenigde Staten ook Brazilië te kunnen ontmoeten. Maar het team van bondscoach Mario Zagallo speelt dan in Concacaf-verband enkele wedstrijden in Midden-Amerika.

Wat verder wél vastligt is een buitenlandse trainingsstage in mei. Oranje zal daarvoor zijn tenten opslaan in Nyon aan het Meer van Genève. In Lausanne zullen twee wedstrijden worden afgewerkt, onder meer tegen Zwitserland. Vervolgens reist de selectie terug naar Nederland om zich in eigen land verder te prepareren. Ook dan wil Hiddink nog twee interlands afwerken. Hiervoor zijn contacten gelegd met Nigeria en Argentinië. Loot Nederland een van deze twee landen in de eerste ronde van het WK dan wordt gezocht naar andere sparringpartners.

Hiddink bekijkt de komende weken in Frankrijk hotel- en trainingsaccommodaties. De Achterhoeker is niet erg onder de indruk van de faciliteiten rondom de WK-steden. Daarom zoekt hij naar een centrale locatie bij een vliegveld waar Oranje 's avonds na de groepswedstrijden binnen een half uur heen kan vliegen.

Waar het Nederlands elftal in sportief opzicht precies staat is voor Hiddink nog een vraagteken. De tegenstanders in de voorronde behoorden zeker niet tot de wereldtop. Afgelopen zomer, in het Tournoi de France, waaraan Frankrijk, Engeland, Brazilië en Italië deelnamen, zag de bondscoach wedstrijden van een ander gehalte. “Na een slopend seizoen werd daar nog op het scherp van de snede gespeeld. Ik zag teams met veel kracht en techniek.”

Onduidelijk is of Oranje niet te lichtvoetig is voor dat niveau. “In dit opzicht vind ik het een goede zaak dat bijna alle selectie-spelers in wedstrijden uitkomen waar het pittiger aan toegaat dan in de Nederlandse competitie”, zegt Hiddink. “Dan praat ik over buitenlandse competities, zoals in Engeland, Italië en Spanje, maar ook de Champions League waarin PSV en Feyenoord zich kunnen meten. Jammer voor de Nederlandse competitie dat de trekpleisters zijn verdwenen. Voor de ontwikkeling van jonge voetballers is het echter wel goed dat ze in een competitie spelen waar wat steviger wordt gevoetbald.”

Ondanks de euforie van de laatste weken over het succesvolle optreden van Dennis Bergkamp met Arsenal in de Premier League ontbeert het huidige Nederlands elftal spelers die op moeilijke momenten de vastgelopen machine weer op gang kunnen krijgen. Persoonlijkheden waar de generatie van '88 bol van stond: Gullit, Van Basten, Rijkaard, Koeman, Wouters. “Het is moeilijk om vergelijkingen te trekken”, vindt Hiddink. “Succes en uitschakeling lagen ook op dat toernooi dicht bij elkaar. Wat ik nog mis is het vermogen bij spelers om een wedstrijd dood te maken. Soms moet je anti-voetbal kunnen spelen door bijvoorbeeld te temporiseren. Spelers als Jan Wouters voelden aan wanneer dat nodig was en konden daarvoor het sein geven. Ik hoop dat de internationals in de Champions League en de buitenlandse competities dit gaan oppikken.”

In de vriendschappelijke wedstrijd tegen Frankrijk zag de toen herstellende Hiddink begin dit jaar vanaf de tribune dat die volwassenheid er nog niet was. “De eerste twintig minuten speelden we vooral via Bergkamp erg sterk. Toen dachten de Fransen: hé wat gebeurt hier? En ze schakelden een tandje bij. Het spel ging wat sneller en het werd wat forser waardoor we in de problemen kwamen.”