Een kreupel aids-virus tegen aids

In Amerika willen vijftig artsen zich inspuiten met een verzwakt aids-virus. Ze willen er geen aids van krijgen. En ze willen er ook niet aan doodgaan, zoals de meeste mensen doen die met springlevend aids-virus besmet raken. Het kreupele aids-virus moet er juist voor zorgen dat mensen geen aids krijgen. Het moet een vaccin worden.

Een vaccin zorgt ervoor dat je van een bepaalde virus of bacterie niet ziek wordt. Het is een soort fop-ziekteverwekker die je afweersysteem vast leert hoe de echte ziekteverwekker er uit ziet. Een vaccin is een brokje van een virus of bacterie, of een dood virus, of een kreupel maar nog levend virus. Je wordt er niet echt ziek van, maar je afweersysteem gaat hard aan het werk om de indringer te doden. Om dat te kunnen doen maakt het afweersysteem antistoffen. Als de brokstukken of kreupele virussen zijn opgeruimd, bewaart je lichaam wat van de antistoffen. Als later de echte ziekteverwekker nog eens in je lichaam komt, liggen de antistoffen al klaar. Je afweersysteem kan de boosdoener vernietigen voor je er ziek van wordt.

Zelf ben je waarschijnlijk al met heel wat vaccins ingeënt. Je kreeg het eerste stel vaccinatieprikken toen je nog een baby was. En later nog eens toen je vier en negen jaar was. Zoveel mogelijk Nederlandse kinderen worden gevaccineerd tegen difterie, kinkhoest, tetanus, polio, de bof, mazelen en rode hond. De vaccins tegen mazelen, bof en rode hond zijn virussen die in de vaccinfabriek kreupel zijn gemaakt.

Gehandicapte virussen worden dus vaker gebruikt in vaccins. Maar een mankaids-vaccin is nieuw en niemand weet wat zo'n kreupel aids-virus in mensen doet. Daarom is het is altijd spannend als een vaccin voor het eerst aan mensen wordt gegeven. De vijftig Amerikaanse artsen willen niet langer wachten. Zij vinden het veel te lang duren voor er een aidsvaccin is. Zij willen wel de eerste menselijke proefdieren zijn voor het nieuwe aids-vaccin.

Tweehonderd jaar geleden was iemand menselijk proefdier voor het allereerste vaccin dat ooit aan mensen werd gegeven. Dat proefdier was geen dokter maar een jongen van acht. De ziekte was geen aids, maar pokken. Pokken was toen een ziekte zoals nu griep of waterpokken. Eerst heeft niemand het en een week later is bijna iedereen ziek. Van de pokken kreeg je erwtachtige pukkels die na een paar dagen gingen etteren. En wat erger was: vaak ging meer dan de helft van de kinderen die pokken kregen er aan dood. De pokken waren een erg besmettelijke ziekte.

In een Engels dorpje leefde een dorpsarts die Jenner heette. Hij wist dat ook koeien pokken konden krijgen, maar meestal kregen mensen geen pokken van koeien en koeien geen pokken van mensen. Alleen, als koeien met pokken werden gemolken, dan kregen de melkmeisjes soms wat koepokken aan hun handen. Maar echt ziek werden ze niet. Ze kregen geen koorts en koude rillingen en ze hoefden ook niet in bed te blijven liggen. Dokter Jenner merkte ook dat als de mensenpokken in het dorp heersten, en iedereen ziek was, dat dan de melkmeisjes nog gezond rondliepen. Aha, dacht dokter Jenner, als ik iedereen in het dorp prik met een naald die ik eerst in de pus van koepokken heb gedoopt, dan krijgt iedereen op de prikplaats een koepok, maar wordt niet meer erg ziek van de mensenpokken.

Jenner probeerde het eerst bij een jongetje van acht jaar die nog geen pokken had gehad. De jongen werd een beetje beroerd van de koepokpusprik. Veertien dagen later prikte Jenner de jongen met een naald met mensenpokkenpus. Ieder gewoon mens die nog geen pokken heeft gehad zou daar ziek van worden. De jongen bleef gezond. Het door Jenner bedachte vaccin werkte.

Jenner is beroemd geworden. Hij was de eerste die een vaccin maakte. Het vaccin tegen pokken werkte heel goed. Bijna honderd jaar lang zijn alle baby's in Nederland en later in de hele wereld ingeënt tegen de pokken. Na 1980 hoefde het niet meer, want toen bestonden de pokken niet meer. De ziekte was uitgeroeid.

Het vaccin tegen het pokkenvirus was niet moeilijk te maken. Het is veel moeilijker om tegen aids een vaccin te maken. Daar zijn grote laboratoria voor nodig waar genen uit het aids-virus worden gehaald om het goed kreupel te maken. En nog is het de vraag of het vaccin waar de Amerikaanse artsen nu proefpersoon voor willen zijn wel werkt. Aids is dus nog lang niet uitgeroeid.