De 'problemen' van Nederland

'Erg kwaad' was Frits Philips bij Paul Witteman op zijn opvolgers die de top van het bedrijf naar Amsterdam willen overplaatsen. “Dit is een signaal dat de aandeelhouders belangrijker zijn dan de werknemers”, zei zijn dochter.

Veel méér kwamen we niet aan de weet. 'Meneer Frits' vroeg om iemand in de zaal die vóór de verhuizing was, maar die bleek niet voorhanden. En omdat ook de huidige Philips-top niet vertegenwoordigd was, schoten we er in de huiskamer niet veel mee op.

Mensen zijn onbetrouwbare getuigen van hun eigen geschiedenis. Er wordt wat afgelogen in necrologieën van tijdgenoten, in autobiografische terugblikken en 'persoonlijke interviews'.

Zo mocht Frits Philips bij Witteman aan enige mythevorming doen omtrent het sociale gezicht waar Philips altijd om bekend zou hebben gestaan. Wat de naoorlogse pensioenen voor lagere werknemers betreft, kan ik dat uit eigen waarneming met klem tegenspreken: die waren echt niet zo geweldig als de Philips-mensen in de studio zaten te suggereren. En de lonen hielden tot in de jaren zestig ook niet over. Armoede werd er door Philips-arbeiders niet geleden, maar het had wel wat royaler gekund.

Over armoede gesproken: de IKON probeerde gisteravond de hedendaagse armoede in Nederland in beeld te brengen. Anneke Hopmans had onder de titel Gewoon door blijven ademen een documentaire gemaakt over twee arme gezinnen uit Twente en Breda. Als ik de IKON was, zou ik de documentaire niet aan een Afrikaanse zuster-omroep doorverkopen. Daar zullen ze bij het zien van de beelden uitroepen: “Armoede in Nederland - hoezo?”

Zelden zoveel dikke mensen in één film gezien - en het was echt niet van hongeroedeem.

De armoede van deze mensen ligt op een ander, minder tastbaar vlak. Het is de armoede van het sociale isolement. “Het doet pijn als de mensen op je neerkijken”, zei een zoon. Zijn moeder: “Zoals mensen op je reageren: je bent gewoon van een mindere soort.”

Anneke Hopmans slaagde er niet in de tragiek van deze mensen voldoende over het voetlicht te brengen. Als kijker bleef je vruchteloos zoeken naar enig houvast: noch over de materiële situatie (werk? uitkering?), noch over dat sociale isolement werd veel duidelijk. Het maken van documentaires is een moeilijk vak, goede bedoelingen alléén zijn niet voldoende.

Voor de rest gaat het goed met Nederland. Als ik tenminste mag afgaan op de andere problemen waarmee we deze avond werden geconfronteerd. Bij de Holland Casino's blijken, volgens Zembla, eerder te veel dan te weinig mensen te komen. In Nijmegen - die stad van de grote werkloosheid - bezoeken er dagelijks 1250 mensen het casino. Alleen al aan tipgeld voor het personeel wordt in de Nederlandse casino's negentig miljoen gulden per seizoen uitgegeven.

Een ander Nederlands probleem: stoute spreekkoren in de voetbalstadions. Werd er nou onlangs 'Hoerenveen' of 'Boerenveen' geroepen? Frits Barend verbaasde zich over de plotselinge consternatie: hoe vaak had men immers niet straffeloos 'kankerjoden' kunnen roepen?

Wat kan wel, wat niet? Arbiter Luinge, die onlangs een wedstrijd stillegde, kwam er bij Barend en Van Dorp niet helemaal uit. “Wat vind je van 'zeikerd?” vroeg Jan Mulder. Er kwam geen bevredigend antwoord. De scheidsrechters willen het voortaan aan een waarnemer op de tribune overlaten, maar welke criteria moet hij dan precies hanteren?

'Problemen' zijn er ook voor de commerciële omroepen. Die keken ietwat verwond terug op de uitreiking van de Nederlandse Academy Awards die voor het merendeel naar de publieke omroepen bleken te zijn gegaan. “Het was te veel incrowd”, hoorde ik RTL's Maya Eksteen zeggen, terwijl ze de zure druiven wegslikte. “We zeiden aan tafel tegen elkaar: ken jij dit programma? Nee? Dan zal het wel een prijs winnen.”

Maar laten de publieke omroepen niet te snel hosanna roepen. Jiskefet beste amusementsprogramma? Een beter alternatief heb ik ook niet bij de hand, maar we weten allemaal, de jongens van Jiskefet voorop, dat het afgelopen seizoen bepaald niet het sterkste was van Jiskefet.