Tok Pisin

In Papoea Nieuw-Guinea spreken ze een soort Engels, Tok Pisin en nog zevenhonderd talen. Ik was al vrij snel van plan die niet allemaal te leren. Ik sprak al een soort Engels, maar Tok Pisin leek me wel handig want dan zou ik nog eens met andere eenvoudige mensen van gedachten kunnen wisselen.

Toen er een cursus werd aangeboden door de talenvakgroep heb ik me opgegeven. De cursus werd gegeven door een Nieuw-Zeelandse die heel streng was en oeverloos kon kletsen over de schoonheid van de taal. Dat deed ze allemaal in het Engels. In een van de eerste lessen hield ze ons voor dat Tok Pisin een échte taal is want je kon er nuclear physics mee bespreken. Dat was een hele opluchting. We kwamen dus niet voor niks. Het werd echter ook duidelijk dat het een eenvoudige taal is hoewel ik aanvankelijk veel Kiswahili- en Bahasa-woorden er tussendoor gooide. Als bodemkundige kom je nog eens ergens en zodoende sprak ik die talen een beetje. Blijkbaar komen die talen in het hetzelfde geheugensegment terecht. Het gros van de woorden in het Tok Pisin komt uit het Engels, maar er zijn ook enige woorden uit het Duits zoals rausim en maski (macht nichts). Dan zijn er van die typische woorden zoals rokrok voor kikker, pukpuk voor krokodil, tingting voor gedachten, kaikai voor eten en kakaruk voor kip. Zo wordt het dus: 'Kaikai bilong tingting' en 'Pukpuk i kaikaim rokrok na em tingting inzat kakaruk'. Dat zijn mooie zinnen en er valt dus al heel wat van gedachten te wisselen. Maar nog niet zoveel over natuurkunde.

Een paar weken geleden had ik een hele middag ongestoord zitten lezen. Sommige academici krijgen het gevoel dat ze wat nuttigs moeten gaan doen als ze langdurig zitten te lezen, maar dat lijkt me onterecht. Ik dacht daar wat over na toen opeens de schoonmaker van onze vakgroep binnenstormde. Hij komt uit de Zuidelijke Hooglanden en sinds hij zijn Engels wil verbeteren en ik mijn Tok Pisin spreken we andere talen. Dat is niet altijd succesvol, want ik heb hem nog niet duidelijk kunnen maken dat mijn computer niet wekelijks afgesopt hoeft te worden. Die middag stonden zijn ogen wild. “You my friend”, begon hij in alle ernst en ik kreeg het idee dat er een verlanglijstje op tafel zou komen. “Me laikim askin samting trom you”, en hij vouwde voorzichtig een krant open en er kwamen plaatjes van pistolen en geweren tevoorschijn. Het waren gewaterverfde plaatjes en ze leken uit een goedkope encyclopedie afkomstig. Of ik niet dat pistool een keer voor hem zou kunnen kopen als ik op verlof ging want waar hij woonde daar zaten zoveel wilde dieren dat het toch jammer was om die niet te schieten en ongebraden te laten. Ik heb hem uitgelegd dat ik niet zou weten waar je pistolen koopt en weinig vrienden heb die in wapens handelen. Bovendien, zo bedacht ik, is het helemaal niet zo eenvoudig om een pistool in het vliegtuig mee te nemen. Maar, zei hij, als je het pistool nu in een krant doet en dan tussen de kleren in je koffer stopt dan valt niemand dat toch op. Ik heb hem toen maar gezegd dat dat misschien alleen voor plaatjes van pistolen geldt. Maski, zei hij, en verliet beteuterd mijn kantoor. Sindsdien maakt hij mijn kantoor niet meer schoon. Dat is misschien niet zo goed voor mijn Tok Pisin maar wel voor de computer, en mijn leesdrift.