Hoogervorst is de liberale weg kwijt

Volgens het VVD-Kamerlid Hans Hoogervorst neemt de subsidiëring van middenveldorganisaties zoals Milieudefensie, Vluchtelingenwerk en Natuurmonumenten bizarre vormen aan. De verontrustende kop boven zijn artikel van afgelopen maandag (6 oktober) in deze krant wekt de indruk dat het hier gaat om een bijdrage van iemand die de noodklok luidt teneinde het land wakker te schudden.

Hoogervorst verzaakt het liberale gedachtegoed op twee punten. Enerzijds laat hij het algemeen belang samenvallen met het staatsbelang, anderzijds veronachtzaamt hij het verschil tussen de private en publieke sector. Zijn redenering aangaande het eerste punt komt er op neer dat elke persoon of instelling die de standpunten van een meerderheid der Staten-Generaal niet ten volle onderschrijft, deswege reeds handelt in strijd met het algemeen belang. Het is voor hem dan ook een vanzelfsprekendheid dat hij, waar een aantal instellingen uit het maatschappelijk middenveld er publiekelijk eigen opvattingen op na houdt, het kabinet heeft gevraagd een grondige inventarisatie van subsidieverlening aan particuliere organisaties te maken.

De suggestie die van zijn vragen uitgaat, is duidelijk: wie het kabinetsbeleid bekritiseerd, behoort niet door of vanwege de overheid te worden gesubsidieerd. Een evidenter voorbeeld van de post-ideologische verwarring waarin volksvertegenwoordigers zich onder 'paars' bevinden, valt moeilijk te verzinnen. Etatistische uitspraken als de onderhavige zou men verwachten van volgelingen van Hegel, Lenin of Khomeiny, maar bij uitstek niet van de woordvoerder van een liberale partij.

Hoogervorst voert de gedachte van de staatsinmenging nog verder door, wanneer hij stelt dat de Nederlandse Postcodeloterij indirect staatssteun aan organisaties uit het maatschappelijk middenveld verleent. De opbrengst van die loterij moet krachtens de wet dienen ter verwezenlijking van doeleinden van algemeen belang. Dat is voor hem in het kader van zijn betoog kennelijk genoeg reden het onderscheid tussen de publieke en private sector op te heffen en de Postcodeloterij tot een indirect staatsbedrijf te verklaren. Indien het woord bizar ergens op van toepassing is, dan wel op dit soort opportunistische kronkelredeneringen.

Een van de oorzaken waarom Hoogervorst een onjuist beeld van de Vereniging Vluchtelingewerk Nederland schetst, is dat hij er aan het slot van zijn artikel van uit lijkt te gaan dat de vereniging een liefdadigheidsinstelling zou zijn. Vluchtelingenwerk is evenals enige andere benificiënten van de Postcodeloterij een mensenrechtenorganisatie. Het opkomen voor mensenrechten is sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog geen goeddoenerij in de oude zin van het woord meer. De mensenrechten vormen de basis van de open samenleving en het opkomen voor de mensenrechten van vluchtelingen staat vaak gelijk met het implementeren van de internationale verdragen in de Nederlandse samenleving. Meer dan tienduizend vrijwilligers zetten zich daar dagelijks in opvangcentra en gemeenten voor in. Dat zij daarbij wel eens met plaatselijke ambtenaren van mening verschillen of dat de landelijke vereniging zich soms verzet tegen paniekmaatregelen uit Den Haag, mag op het eerste gezicht in strijd met de waan van de dag lijken, na verloop van tijd blijkt vaak dat het algemeen belang ermee gediend is.