Tramtunnel slaat tijdelijk open wonden

De binnenstad van Den Haag krijgt een facelift. Vanaf het jaar 2000 zullen drie trams van het Centraal Station onder de nieuwe gebouwen door naar de Grote Marktstraat rijden. Tot die tijd zal het winkelende publiek zich nog een weg door stof en modder moeten banen langs de vele bouwputten. “Wat een bende is het hier.”

DEN HAAG, 8 OKT. “Alles moet weg. Alle artikelen 2,50 per stuk. Op is op.” Met grote fluorescerende borden probeert de Haagse '2,50 shop' de aandacht van het winkelende publiek in de Grote Marktstraat af te leiden van de vele bouwputten, graafmachines, hijskranen, hekken en werklui. Als het straatbeeld over twee jaar is hersteld, zal deze winkel alweer verdwenen zijn. De '2,50 shop' kon voor een paar maanden tegen een zeer lage prijs de toplocatie huren, omdat de vorige eigenaar van het pand failliet was gegaan. De 'toplocatie' is deze maanden 'rotlocatie'.

In de Haagse binnenstad wordt gewerkt aan een 'open-hartoperatie'. Het Spui dreigde het drukste punt van het openbaar vervoer te worden in Europa. Over enkele jaren zouden er bijna vijftig trams per uur door de Grote Marktstraat komen rijden. Om het openbaar vervoer te ontlasten en de winkelstraat weer aanzien te geven, wordt daarom het 'souterrain' gebouwd, dat in de volksmond de tramtunnel wordt genoemd. In maart 1996 begon de bouw van het door de architect Rem Koolhaas ontworpen project. Volgens Koolhaas is Den Haag een gevangen stad, ingesloten door zee en duinen, glastuinbouw, buurgemeenten en een snelweg. De stad is voor de groei aangewezen op de herdefinitie van haar eigen territorium, aldus de architect.

Vanaf het jaar 2000 duiken er bij het Haagse Centraal Station drie trams onder de grond om na 1250 meter en twee ondergrondse stops weer boven te komen. De totale kosten worden geraamd op 282 miljoen gulden, waarvan het rijk 195 miljoen gulden betaalt.

Het grote voordeel dat het knooppunt Spui-Grote Marktstraat straks door de tramtunnel wordt ontlast, is tevens het grote nadeel van dit moment. De Grote Marktstraat is nu een van de minst aantrekkelijke winkelstraten van Nederland.

Hoewel de chaos in de Grote Markstraat gedurende de bouw nauwelijks is te overzien, is er volgens de gemeente in samenwerking met de aannemer gekozen voor een aanpak waarbij de overlast zoveel mogelijk wordt beperkt.

“Als je de tunnel gewoon gaat uitgraven, dan ligt het centrum een aantal jaren helemaal open. Dat was niet acceptabel”, zegt Liesbeth Alferink, gemeentelijk projectleider van het 'souterrain'. “De aanleg van de tunnel is in stukken geknipt, zodat er steeds maar een klein stuk open ligt. Het mag niet zo zijn dat bepaalde delen van de winkelstraat helemaal niet bereikbaar zijn.”

Op het stuk voor het Haagse stadhuis is onder de grond te zien hoe de bouw verloopt. Aan de zijkanten van de tunnelbak zijn damwanden de grond ingetrild, waartussen wordt gegraven en gebouwd. Het gat in de grond is van boven gedicht met het dak van de tunnel, dat als eerste is aangelegd.

Via de uitgang van de toekomstige parkeergarage, die op een verdieping boven de trams plaats zal bieden aan 475 auto's, loopt J. Bol het bouwproject binnen. Bol is projectdirecteur van aannemer Tram Kom, een eenmalig samenwerkingsverband van een aantal grote bouwbedrijven. “Kijk”, zegt hij, “boven ons rijden de trams alweer. Eenderde van de aanleg vindt bovengronds plaats en tweederde onder de grond. Daar merkt dus eigenlijk niemand iets van.”

In dit gedeelte van de toekomstige tunnel zijn een tiental bouwvakkers bezig met graven en metselen en het lassen van wapenijzer voor de tachtig centimeter dikke betonnen vloer. Via een ladder gaat Bol nog een verdieping lager. Hij wijst omhoog. “Daar komen de auto's, en hier, waar wij nu staan, rijden straks de trams.” Het geluid van de trams boven de grond is het enige contact voor de bouwvakkers onder het Spui met de buitenwereld.

Een paar honderd meter verderop in de Grote Marktstraat staan de bouwvakkers nog 'bovenop' de toekomstige tunnel. Terwijl de wond voor het stadhuis al is gedicht, ligt die in de drukke winkelstraat nu open. De operatie treft deze maanden de Grote Marktstraat midden in het hart. Het geluid van graafmachines is in de wijde omtrek te horen, stof waait door de hele straat en als het even regent loopt het publiek in de modder. “Wat een bende is het hier toch”, verzucht een mevrouw die met een boodschappentas langs de afrastering slalomt.

“We moeten zo goed en kwaad als het kan het leven in de stad door laten gaan”, zegt Bol. Dat de bouw de afgelopen maanden meerdere malen tot irritatie van publiek en winkeliers heeft geleid, is volgens Bol niet te voorkomen. Om de pijn wat te verzachten, heeft de gemeenteraad besloten de winkels in het centrum vanaf half oktober toestemming te geven om elke zondag open te zijn.

De gemeente heeft al meer dan dertig claims binnen van bedrijven die zich door de aanleg van de tunnel gedupeerd voelen, maar tot nu toe is in slechts drie gevallen een claim toegekend. Daarbij ging het om twee restaurants en een hakkenbar. Die konden daadwerkelijk aantonen dat hun omzet was gedaald door de aanleg van de tunnel. Claims van andere winkels en bedrijven zijn van de hand gewezen, omdat het directe verband tussen daling van de omzet en de aanleg van de tunnel niet kon worden gelegd.

Over een aantal jaren zullen de voordelen met name voor de grootwinkelbedrijven opwegen tegen de nadelen van nu. Het winkelend publiek kan dan vanaf het aan te leggen ondergrondse station in de Grote Marktstraat direct de warenhuizen binnenlopen.

Maar naast de winkels ondervinden vooral de Haagse burgers nu de nadelen van het prestigieuze project. De afdeling Den Haag van de Voetgangersvereniging bestempelde vorige week een aantal tramhaltes in het centrum als “levensgevaarlijk”. Passagiers moeten vluchtheuvels en wegen oversteken om bij de trams te kunnen komen. Bij het uitstappen moeten de passagiers ook nog eens letten op fietsers en bromfietsers die langs de trams rijden. Volgens de Haagse Tramwegmaatschappij (HTM) is de halte op het Spui “smal en niet ongevaarlijk”. “Als de in aanbouw zijnde tramtunnel af is, moet die situatie tot het verleden behoren”, aldus een woordvoerder van de HTM.

Volgens de gemeente moeten de meeste wonden van de 'open-hartoperatie' in het Haagse centrum over ruim een jaar zijn geheeld. Als de eerste trams in het jaar 2000 onder het centrum rijden, moet blijken hoe gezond het Haagse winkelcentrum aan de volgende eeuw begint.