Rijst en rietsuiker

HET STATUUT van het Koninkrijk is gebruuskeerd, in de rijksministerraad (Nederland, de Nederlandse Antillen en Aruba) is ruzie uitgebroken en een Haagse rechter heeft de Nederlandse regering op de vingers getikt. Binnen de Europese Unie staat Nederland voor schut en de verhoudingen in Koninkrijksverband zijn verstoord. Ziehier de schade van een weekeindje touwtrekken over de rijst- en rietsuikerexport van de Nederlandse Antillen en Aruba naar de Europese Unie.

Rijst en suiker uit de Antillen? Daar wordt helemaal geen rijst of rietsuiker verbouwd. Toch zijn de Antillen en Aruba in zes jaar uitgegroeid tot de grootste rijst- en suikerexporteurs ter wereld. Dat is te danken aan een van de meer bizarre wendingen in het landbouwbeleid van de Europese Unie. In 1991 werd een importregeling voor zogenoemde Landen en Gebieden Overzee (LGO) van kracht. Dit LGO-besluit bepaalde dat overzeese gebieden bewerkte landbouwproducten heffingsvrij op de Europese markt mogen brengen. Er stond niet bij waar die landbouwproducten verbouwd moesten worden. Dit was een buitenkansje voor slimme Antilliaanse handelaren, die ongepelde rijst en ruwe rietsuiker uit Suriname en Guyana importeerden en deze na een minimale bewerking doorvoerden naar de EU. Het was misschien oneigenlijk, maar het was binnen de regels. De 'Antillen-route' voor bewerkte rijst en suiker leverde wat lokale werkgelegenheid op, en veel winst.

DEZE CREATIEVE toepassing van het LGO-besluit veroorzaakte toenemende ergernis bij de Europese rijst- en rietsuikerproducenten Italië en Spanje, en ook bij de Nederlandse bietsuikerlobby. Door de toestroom van goedkope 'Antilliaanse' rijst en suiker zagen ze hun marktaandeel plotseling afkalven. Ze begonnen een lobby om aan deze (zoals zoveel EU-besluiten) fraudegevoelige regeling een einde te maken. Dat was tegen alle afspraken in want het besluit zou voor tien jaar gelden en een evaluatie na vijf jaar werd overgeslagen. Eind vorig jaar ging Nederland bij monde van minister van Mierlo in beginsel akkoord met een herziening van het LGO-besluit waardoor de import van Antilliaanse rijst en suiker zou worden beperkt.

Sindsdien wordt er geruzied: tussen Nederland en de overige lidstaten van de EU, tussen Nederland en de Antillen plus Aruba, tussen de Antilliaanse rijst- en suikerhandelaren en de Europese landbouwlobby. De climax kwam dit weekeinde. Nederland negeerde het protest van de Antillen en Aruba in de rijksministerraad en verklaarde zich bereid in te stemmen met een EU-beperking op de Antilliaans-Arubaanse export van rijst met twintig procent en van rietsuiker met negentig procent. Ter voorkoming van een “bedorven en frustrerende sfeer” (staatssecretaris van Europese zaken Patijn) in de EU, werd het Koninkrijksstatuut terzijde geschoven. Vervolgens heeft een Haagse rechtbank de regering in kort geding opgedragen om het EU-besluit niet uit te voeren.

EEN BIZARRE SITUATIE is nu ontstaan, stelde Van Mierlo gisteren vast. Daarmee is niets te veel gezegd. Het LGO-besluit legt de bizarre aspecten van het Europese landbouwbeleid met de discriminatie van importen uit niet-EU-landen bloot. De wankelmoedige opstelling van Nederland op het LGO-dossier toont aan dat Nederland niet bereid is tot machtsspel in de EU om de belangen van de Caraïbische rijksdelen te behartigen. De Antillianen hebben creatief gebruikgemaakt van een bizarre regeling, maar ze stonden wel in hun recht. En ze staan nu met nagenoeg lege handen.