Kamer: accijns op benzine niet hoger

DEN HAAG, 8 OKT. De Tweede Kamer wil dat het kabinet afziet van de voorgestelde verhoging van de diesel- en benzineaccijns met 2,5 cent volgend jaar. Een motie van de VVD werd gisteren aangenomen met de steun van het CDA, de ouderenpartijen en de kleine christelijke partijen.

Een meerderheid wil dat de accijns volgend jaar niet aan de inflatie wordt aangepast om de pomphouders aan de grens met Duitsland te ontzien. De pomphouders zijn een hoop klandizie kwijtgeraakt doordat de accijnzen in Nederland per 1 juli zijn verhoogd. Veel automobilisten in het grensgebied tanken sindsdien in Duitsland.

Of minister Zalm (Financiën) de motie uitvoert is onzeker. Hij wil eerst overleg in het kabinet. Staatssecretaris Vermeend liet vorige week al weten de motie veel te algemeen te vinden, omdat niet alleen de pomphouders in de grensstreek maar àlle pomphouders ervan profiteren.

Het niet doorgaan van de accijnsverhoging kost de schatkist zo'n 200 miljoen. Volgens de motie, die vorige week werd ingediend bij de financiële beschouwingen, zou dat bedrag gevonden moeten worden door de motorrijtuigenbelasting wat minder te verlagen.

Dat is precies het tegenovergestelde van de kabinetsplannen, waarbij de motorrijtuigenbelasting omlaag gaat en de accijns omhoog. Vermeend wees erop dat dit gebeurt in het belang van het milieu. Doordat de variabele kosten stijgen (benzine) en de vaste kosten dalen (belasting), wordt niet het bezit van de auto maar het gebruik van de auto ontmoedigd.

Dat past bij de wijze waarop het kabinet in het algemeen de druk op het milieu hoopt te verminderen. Tijdens een Kamerdebat over milieu en economie eerder deze week werd nog eens geconstateerd, dat de toename van de milieuvervuiling geheel op het conto komt van huishoudens. Het kabinet zoekt naar fiscale maatregelen om juist de particuliere consumptie te ontmoedigen.