België op koers voor EMU zonder extra bezuinigingen

BRUSSEL, 8 OKT. Het Belgische financieringstekort zal volgend jaar dalen tot 2,3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Dat kondigde premier Dehaene gisteren aan in zijn beleidsverklaring bij de opening van het parlementaire jaar.

Het Belgisch tekort blijft daarmee ruim onder de 3 procent van het bbp: één van de criteria voor toetreding tot de derde fase van de Economische en Monetaire Unie, waarvoor begin volgend jaar de kandidaten bekend worden. “De deelname van ons land aan de Europese Muntunie is verzekerd”, zei Dehaene gisteren. Dit jaar is een financieringstekort voorzien van 2,8 procent. De Belgische staatsschuld daalt volgens de regering in 1998 met 3 procentpunt tot 122 procent van het bbp en blijft daarmee bij de hoogste in de Europese Unie.

Voor de daling van het financieringstekort zijn geen extra bezuinigingen aangekondigd, hoewel Dehaene daarvoor wel de mogelijkheid open laat. Een groot deel van de benodigde 17 miljard franc (1 miljard gulden) wil de regering vinden in het toekennen van een derde GSM-net voor mobiele telefonie. Dat er voor het eerst in jaren een begroting kon worden opgesteld zonder drastische bezuinigingen, is volgens Dehaene het gevolg van “de sinds jaren volgehouden inspanningen voor de gezondmaking van onze overheidsfinanciën”.

Dehaene noemde de bestrijding van de werkloosheid “de belangrijkste prioriteit van het regeringsbeleid”. Hij kondigde aan dat de loonlasten voor werkgevers volgend jaar met 6 miljard franc (330 miljoen gulden) extra worden verminderd en vanaf 1999 met 12 miljard (660 miljoen gulden) per jaar. De maatregel is bedoeld om “de concurrentiekracht te waarborgen èn de groei meer arbeidsintensief te maken”. Dit jaar voerde de Belgische regering een sociale lastenverlaging door van 56 miljard franc (3 miljard gulden).

De werkgeversorganisatie VBO doet de verlaging van de loonlasten af als “een peulenschil”. Volgens het VBO is een lastenverlaging van 150 miljard franc (8 miljard gulden) nodig om de achterstand ten opzichte van het buitenland in te halen. Ook de liberale en socialistische vakbonden noemen de lastenverlaging te laag.

Kritiek kwam er ook van de liberaal Guy Verhofstadt, leider van de grootste oppositiepartij, die in een alternatief beleidsplan voorrekende dat er de komende vijf jaar 160.000 nieuwe banen kunnen komen als de loonlasten de komende drie jaar met 200 miljard franc (11 miljard gulden) omlaag gaan. Om hiervoor het geld te vinden, stelt hij voor de overheidsuitgaven verder terug te dringen en de resterende delen van overheidsbedrijven als Belgacom te privatiseren.

Volgens Dehaene zijn de investeringen in België de afgelopen drie jaar met 15 procent gestegen, drie keer zo snel als in Frankrijk en Duitsland. Hij beloofde nieuwe initiatieven die de stabiliteit van sociale en fiscale regelgeving moeten waarborgen, om “het investeringsklimaat” verder te verbeteren. De Belgische regering wil voorts de herverdeling van werk stimuleren, door collectieve en individuele arbeidsduurvermindering. Dehaene kondigde verder aan dat de 30.000 werklozen die werken in de zogeheten klusjesdiensten het sociaal statuut krijgen van een parttime-werknemer.