Onzekerheid verlamt NS en bonden

Het overleg tussen NS Reizigers en de bonden over nieuwe regionale openbaar-vervoerbedrijven strandde gisteren, ondanks een eerder akkoord over uitgangspunten. De bonden willen zekerheden in onzekere tijden.

UTRECHT, 7 OKT. In het openbaar vervoer is een traditie ontstaan van arbeidsonrust die niet zozeer over geld gaat als wel over onzekerheid. Zo leidde in het streekvervoer een conflict over de flexibilisering van werkroosters tweeënhalf jaar geleden tot een wekenlange staking.

Niet altijd zijn de gevolgen zo extreem. Bij de Nederlandse Spoorwegen is het al weer ruim drie jaar geleden dat er massaal is gestaakt. Maar de arbeidsvrede van de laatste jaren is wel een gewapende vrede. Twee keer werd een dreigende staking op het laatste nippertje afgewend, de laatste keer in november vorig jaar. Ook toen draaide het om flexibilisering. Tot dan toe ging het om dienstroosters, functie-omschrijvingen en standplaatsen.

Het conflict dat nu is gerezen, heeft een veel bredere strekking. Het gaat om de bereidheid van het personeel om, als dat zo uitkomt, van werkgever te veranderen in een door marktwerking en concurrentie beheerst openbaar vervoer.

Centraal staan de plannen van dit kabinet om de monopolies af te breken in stad- en streekvervoer en op het spoor. Regionale overheden zullen concessies kunnen aanbesteden om voor een beperkte periode - een jaar of vijf - openbaar vervoer in die regio te verzorgen. Hoe die procedures precies zullen gaan lopen, is nog niet duidelijk. Ook is nog niet duidelijk in welke mate spoorvervoer en busvervoer daarbij in één concessie zullen worden ondergebracht.

Enkele regio's, met name de Achterhoek en Noord-Nederland, lopen voorop en zijn al enige jaren bezig met plannen voor een beter openbaar vervoer. Die behelzen onder meer een betere afstemming tussen trein, bus en taxi. De gedachte is dat een dergelijk geïntegreerd openbaar vervoer het beste kan worden verzorgd door één openbaar-vervoerbedrijf dat alle soorten vervoer in huis heeft.

Streekvervoerders en NS Reizigers anticiperen op deze ontwikkeling door plannen te maken voor nieuwe bedrijven, BV's waarin beide participeren en eventueel ook andere partijen. Die nieuwe bedrijven zouden dan bij de aanbesteding kunnen concurreren met nieuwe toetreders op de Nederlandse markt, zoals het Amerikaanse Vancom, het Britse Stagecoach en het Franse CGEA, die eerder dit jaar een meerderheidsbelang nam in Lovers Rail.

In de Achterhoek is de samenwerking tussen streekvervoer en spoor het verst. Om die samenwerking te stimuleren, heeft minister Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) in het vooruitzicht gesteld het nieuwe bedrijf ondershands een concessie te gunnen, mits er vóór 1 januari '98 een besluit ligt om een nieuw bedrijf in het leven te roepen en er ook een begroting ligt voor een openbaar-vervoernet in de regio. Er hoeft dan van de minister nog niet te worden geconcurreerd.

Maar dan moeten er wel afspraken worden gemaakt over de manier waarop personeel overgaat naar het nieuwe bedrijf: hoeveel, wie en tegen welke voorwaarden. Deze ontwikkelingen vormen de achtergrond van de gesprekken die de afgelopen weken zijn gevoerd tussen NS Reizigers en de bonden. Op 19 september gingen de partijen uiteen in een soort bestand. De NS had toegestemd in tijdelijke detachering van werknemers bij de nieuwe regiobedrijven, zodat zij vooralsnog in dienst zouden kunnen blijven bij de NS. Voor de bonden was dit essentieel. Zij willen geen personeel laten overgaan naar nieuwe bedrijven zonder dat duidelijk is onder welke politieke en economische voorwaarden die bedrijven functioneren. Verschil van mening bleef wel bestaan over de duur van die detachering.

Na het gesprek van 19 september wilden de bonden hun achterbannen raadplegen, want ze waren aan de grenzen van hun mandaat gekomen. Met name de achterbannen van de Vervoersbond FNV en de spoorwegvakbond FSV trapten op de rem. Zij wilden wel verder praten over de ontwikkelingen in de Achterhoek, omdat daarvoor een toezegging ligt van de minister, maar niet over Noordnet, de voorgenomen samenwerking tussen NS Reizigers en streekvervoerder Veonn in Noord-Nederland. De Vervoersbond CNV wierp geen blokkade op om over Noordnet te praten.

Met die boodschappen van de respectieve achterbannen zetten de onderhandelaars zich gistermorgen weer om de tafel. We kunnen alleen praten over de Achterhoek, en niet over Noord-Nederland, meldden FSV en Vervoersbond FNV. Maar voor NS Reizigers was het juist essentieel om over het bredere kader te praten. Het bedrijf koestert ook ambities om in Limburg en Noord-Holland samenwerkingsverbanden met streekvervoerders op te zetten. De kloof bleek niet te overbruggen, het gesprek was snel afgelopen.

Vervolgens poogden beide partijen elkaar de schuld van de breuk in de schoenen te schuiven. Volgens NS Reizigers waren de bonden teruggekomen op eerder gemaakte afspraken; volgens de bonden waren ze gistermorgen nog niet eens toegekomen aan de afspraken. Het gesprek strandde al toen moest worden vastgesteld waarover wel en waarover niet kon worden gepraat.

Intussen gaat NS Reizigers verder met zijn plannen. Over het experiment in de Achterhoek en over Noordnet is inmiddels advies gevraagd aan de ondernemingsraad. Dit advies wordt morgen verwacht. Vast staat dat de OR niet staat de trappelen.

Zo draaien twee partijen vol angst om elkaar heen. De bonden willen wachten totdat er politieke duidelijkheid is over de toekomstige structuur van het openbaar vervoer. Daarover debatteert de Tweede Kamer dit najaar. De bonden zijn namelijk bang dat ze hun leden anders in bedrijven onderbrengen die mogelijk helemaal geen toekomst hebben.

NS Reizigers daarentegen wil juist anticiperen op de politieke besluitvorming. Het bedrijf wil dat de regionale ondernemingen slagvaardig in de startblokken staan, zodra de politiek groen licht geeft. Want de NS is bang dat anders binnen- of buitenlandse concurrentie wel eens met de belangrijkste concessies op de loop kan gaan.