Minister: rijstbesluit 'uiterst pijnlijk' voor Antillen en Aruba

DEN HAAG, 7 OKT. “Deze beperking van onze rijstexport is ernstiger voor de Antillen en Aruba dan menigeen zich in Nederland realiseert”, zegt de gevolmachtigde minister van de Nederlandse Antillen in Den Haag, drs. Carel de Haseth. “Het kan een verlies van bijna 600 arbeidsplaatsen betekenen.

In de Nederlandse verhoudingen kun je dat vergelijken met zes Fokkerfabrieken.'' Volgens De Haseth leidt het besluit van de Europese Unie en Nederland om minder suiker uit de Antillen en Aruba te accepteren nog eens tot sluiting van drie suikerfabrieken.

“Dit is uiterst pijnlijk, net nu we in een proces van financieel-economische hervorming zitten dat onze economie en werkgelegenheid moet verstevigen. We proberen investeerders aan te rekken, maar die worden door dit besluit juist kopschuw gemaakt”, aldus De Haseth.

De regeringen van de Nederlandse Antillen en Aruba hebben in hun felle verzet tegen de beperking van hun rijstexport naar de Europese Unie alle mogelijkheden in het Statuut voor het Koninkrijk aangegrepen, maar tot nu toe vergeefs. Alleen de uitspraak van de Haagse rechtbank gisteren, in een kort geding dat was aangespannen door het Arubaanse suikerbedrijf Emesa Sugar, maakt de rechtsgeldigheid van de beslissingen die de rijksministerraad en de Europese ministerraad gisterochtend namen, onzeker.

Vrijdag gingen de gevolmachtige ministers van de Antillen en Aruba in de Rijksministerraad niet akkoord met het voornemen van Nederland om de beperkingen van 'Brussel' te accepteren. Ze vroegen op basis van artikel 12 van het Koninkrijksstatuut om “nader beraad”. Dat werd in het weekeinde gehouden, tussen de premiers van Nederland, de Antillen en Aruba en de meest betrokken bewindslieden, maar mocht niet baten. Ook een beroep op artikel 25 van de Statuut dat de rijksdelen in bepaalde gevallen een vetorecht toekent, werd door Nederland afgewezen, maar de rijksdelen hebben daarover een nadere juridische studie geëist. Intussen heeft het parlement van de Nederlandse Antillen in Willemstad op basis van een artikel in de Antilliaanse Staatsregeling beroep bij de koningin aangetekend tegen het besluit van de Rijksministerraad.