Koopjesjagers in file voor Duitse producten

De Nederlandse 'handelsgeest' leidt sinds kort tot een run op Duitse benzinepompen en winkels in de grensstreek. Vooral de accijnsverhoging op benzine is hier debet aan. Maar per saldo blijken de Duitsers meer in Nederland te kopen.

EMMERICH, 7 OKT. Tot enkele maanden geleden kwamen ze eigenlijk zelden in Duitsland. Maar sinds de accijns op benzine met dertien cent werd verhoogd, rijdt het echtpaar Hoogers wekelijks uit Apeldoorn naar het dertig kilometer verderop gelegen Emmerich. “Om te tanken en boodschappen te doen. In de benzine scheelt het veertig cent per liter en de drank is hier tot vijftig procent goedkoper. Het is triest voor de Nederlandse pomphouders, maar ik ben natuurlijk geen dief van eigen portemonnee. Je verdient zo toch een paar centen en die geven we hier weer uit.”

Op de parkeerplaatsen Geistmarkt en Nonnenplatz in het Duitse Emmerich is ruim eenderde van de auto's voorzien van een geel kenteken. Nederlanders uit de grensstreek komen massaal naar het stadje om te tanken en inkopen te doen bij goedkope supermarkten als Pennymarkt en Lidl.

“Het assortiment is hier veel breder en goedkoper”, vindt het Apeldoornse echtpaar Verhaaf, dat al 25 jaar in Emmerich komt. “En het is ook een dagje uit, hè. Lekker even over de railing hangen bij de Rijn. Het is net alsof je op vakantie bent.”

Naast de goedkope benzine en levensmiddelen zijn er ook andere motieven om de oosterburen te bezoeken. Zo komt T. Wisseling uit Zevenaar (“Ik heb een Duits postuur”) voor de ruimere confectiematen en rijdt J. Schuurman uit Brummen wekelijks naar Emmerich omwille van haar katten (“Ze lusten alleen Duits kattenvoer”). Anderen komen naar het grensplaatsje voor “de goede service” en het “beleefde winkelpersoneel”.

Op vrijdag en zaterdag is zo'n twintig procent van de supermarktklanten Nederlands, zeggen de bedrijfsleiders van de plaatselijke supermarkten. Volgens hen zijn vooral luxe-producten als dure zeep, alcoholische dranken en chocolade gewild. “Het is de handelsgeest die de Nederlanders naar Duitsland drijft”, zegt R. van Dijk, de Nederlandse eigenaar van een cadeaushop in de Kassstrasse. “Maar het Nederlandse kapitaal dat over de grens gaat, wordt net zo hard weer terugverdiend. De Duitsers geven meer uit in Nederland dan andersom.”

Sinds de Nederlandse overheid op 1 juli de accijns op de benzine heeft verhoogd, tanken meer Nederlanders vaker in Duitsland. Volgens het Enschedese onderzoeksbureau I&O Research wordt tussen het Groningse Delfzijl en het Limburgse Sittard nu twee maal zoveel over de grens getankt als voor de accijnsverhoging. Het prijsverschil bedraagt 35 tot veertig cent per liter. Van 'tanktoerisme' naar België zijn geen gegevens bekend.

Per bezoek aan Duitsland geven Nederlanders ruim veertig mark (ongeveer 45 gulden) uit aan benzine en negentig mark aan andere inkopen. Vooral drank en levensmiddelen zijn populair. Ze zijn in Duitsland goedkoper. Vaak gaat het om producten die in Nederland niet te krijgen zijn.

Zo rijdt J. Glücker regelmatig naar Elten voor het Duitse bier. “Als je hier vier kratten koopt, heb je er ééntje gratis”, zegt hij grijnzend. “Ja, de caissières kijken soms chagrijnig als je met Nederlands geld betaalt. Dan moeten ze de prijs weer omrekenen.” Vrijwel overal geldt: guldens geen bezwaar, wisselen hoeft niet.

De goedkope benzine is voor Nederlanders de belangrijkste reden om in Duitsland inkopen te doen. Bijna de helft van de tanktoeristen zou niet in Duitsland inkopen als niet tegelijkertijd werd getankt, aldus het Enschedese onderzoek. Zeventien procent van de koopjestoeristen onderhoudt een ware pendeldienst. Vóór de accijnsverhoging ging deze groep eens in de maand naar Duitsland, nu vijf keer. De pendelaars geven per maand ruim 250 gulden meer uit aan boodschappen in Duitsland dan ze voor 1 juli deden.

In Elten zijn de gevolgen van de accijnsverhoging duidelijk zichtbaar. Voor het DEA-pompstation aan de Kattegatweg staat een veertig meter lange file van auto's met Nederlands kenteken. “Sinds de accijnsverhoging heb ik zeventig tot tachtig procent meer Nederlandse klanten”, zegt pomphouder H. Derksen. “Elk weekeinde is het raak. De Nederlanders komen hier massaal om hun jerrycans te vullen. Veel van onze Duitse klanten ergeren zich aan de lange wachttijden. Die gaan een paar kilometer verderop tanken. Nederlanders zijn wat dat betreft toleranter. Die vinden het geen probleem te moeten wachten.”