Four Weddings and a Funeral

Four Weddings and a Funeral (Mike Newell, 1994, Engeland). Ned.3, 19.55-22.00u.

Four Weddings and a Funeral, de Britse relatiekomedie die zich uitsluitend afspeelt tegen het decor van een viertal huwelijksfeesten uit de Britse upperclass en één sobere begrafenis, ontpopte zich enkele jaren geleden tot een wereldwijde publiekslieveling. Dat internationale succes valt niet alleen terug te voeren op het inventieve scenario van Richard Curtis (de schrijver achter 'Mr. Bean'), de puntige regie van Mike Newell of de voorbeeldige timing van werkelijk alle acteurs, die zelfs de meligste grap (en die zijn ruim voorradig) tot een aangenaam niveau weten te tillen.

Het zal dus wel weer aan de liefde liggen. Four Weddings and a Funeral gaat - behalve over de weldadigheid van niet-seksuele vriendschap - over het stille verlangen naar de ware en de angst voortijdig in het verkeerde huwelijksbootje te stappen. De Britse volksaard leent zich bij uitstek voor de verbeelding van deze materie. Hoofdpersoon Hugh Grant is een verstrooide dertiger die een breed spoor van verdrietige ex-vriendinnen heeft nagelaten. Een innemende schooier, door een oude vlam adequaat gekenschetst als een serial monogamist.

Al tijdens de eerste bruiloft komt hij echter een Amerikaanse (Andie MacDowell) tegen, in wie hij tot zijn eigen verbazing gaandeweg zijn grote liefde begint te herkennen. De tegenstelling tussen de bevrijdende voortvarendheid der Amerikanen en de verstikkende gereserveerdheid van de very British heeft natuurlijk al vaker leuke komedies opgeleverd, A Fish Called Wanda voorop. Maar in Four Weddings and a Funeral is het uiteindelijk niet de Amerikaanse die Grants emotionele verkramping wegmasseert. Het verlossende woord wordt ook niet gesproken maar gebaard, door Grants dove broer. Als een soort nobele wilde, die zich weinig gelegen laat liggen aan Brits decorum, wijst deze broer erop dat men eenvoudigweg zijn hart moet volgen. Zijn Britse Gebarentaal is enkel via ondertitels te volgen en niet, zoals gebruikelijk in films waarin doven figureren, indirect via de gesproken dialogen van andere, horende personages. Dit soort authenticiteit is symptomatisch voor deze film, die gelikt is maar eerlijk, populistisch maar niet dom.