Superlatieven

Wie lang genoeg op hetzelfde tijdstip op radio of televisie hetzelfde doet, wordt vanzelf een instituut. Het oudste voorbeeld daarvan is mr G.B.J. Hiltermann, die sinds jaar en dag het buitenlandse nieuws van toelichting en commentaar voorziet in zijn rubriek 'De Toestand in de Wereld'. Toen Hiltermann nog op zondag sprak, moesten de kinderen zwijgen, anders wist de vader des huizes niet wat hij die week moest denken.

Willem Duys kan met enig recht de Hiltermann van de lichte muziek worden genoemd. Zijn stem is vertrouwd, er komt geen onvertogen woord uit zijn mond, hij belichaamt het weldadige lome zondagochtendgevoel. Gisteren vierde hij in de AVRO-studio het 35-jarig bestaan van zijn vaste muziekprogramma Muziek Mozaïek. Dankzij dat jubileum wordt hij als presentator het komend jaar zelfs in het GuinnessBook of Records opgenomen.

Het programma geniet nog altijd een onverminderde populariteit en behoort tot de best beluisterde op de familiezender Radio 2. Zelf gaf Duys de afgelopen week in het AVRO-programma Thuis op Twee tegenover presentator Hans Schiffers een simpele verklaring voor het uitzonderlijke succes van Muziek Mozaïek: het uitzenduur is ideaal; het stemgeluid is vertrouwd; de mensen hebben het gevoel dat ze je persoonlijk kennen; de muziek wordt opgeluisterd met feiten en anekdotes die kloppen en is bovenal: rustig zonder 'bonzende bassen, jankende gitaren of tetterende trompetten'.

Kenmerkend voor de presentator Duys is dat hij over de artiesten die hij laat horen vrijwel uitsluitend in superlatieven spreekt, waarbij hij de indruk weet te wekken dat hij het nog meent ook. (“Ik heb een la vol superlatieven, en soms zijn ze ook waar.”)

Gisteren in het jubileumprogramma was het ook weer raak. Over Willeke Alberti: “De vrouw op wie ik al veertig jaar, wat zeg ik, vijfenveertig jaar hartgrondig verliefd ben.” “Een warm hart heb ik vooral voor mijn grote vriend Herman van Veen, een van de aller-allergrootste artiesten die Nederland heeft, een clown zonder weerga in het theater, daarenboven een fijn violist, een goddelijke zanger. Herman is een wonder.” “Een topartieste die iedere avond Carré op de grondvesten laat schudden (...), ik kom superlatieven tekort: ons aller Mathilde Santing.” “Er is geen Nederlandse zanger die zo duidelijk articuleert (..) een grote vriend van mij, ik luister altijd met gespitste oren naar zijn stem: Robert Long.”

Artiesten hebben veel aan Duys te danken. Lee Towers, die vertelde dat de mythe van de zingende kraandrijver voor de televisie in scène was gezet, beleed heel aanhankelijk dat hij carrière gemaakt had dankzij Willem Duys. Mathilde Santing omschreef Willem Duys gisteravond op Radio 1 als 'het bruggetje waarover je heen kunt lopen' naar de bekendheid: “Als mensen een eigen publiek hebben, dan kunnen ze je introduceren bij dat publiek.”

Een restant van kritiek was alleen te bespeuren in de opmerking van Jacques Klöters, die herinnerde aan de tijd dat het politiek niet correct was om waardering te hebben voor Willem Duys. “Ik had een buitengewoon grote hekel aan je. Je stond voor mij voor de 'silent majority'. Het 'midden' was het overal mee eens en daar was jij het symbool van.' Woorden die door Duys gretig beaamd werden.

Het is inderdaad allemaal 'middle of the road' wat Duys doet. Het laatste dat hij lijkt te willen is de luisteraar irriteren. Veel muziek die hij draait lijkt zo weggelopen te zijn uit de speakers van hotellobby's en liften. Het is muziek die mensen 'zo heerlijk rustig' houdt, het zijn melodieën waar je zonder bezwaar doorheen kunt praten en waarbij je weg mag doezelen zonder dat je je schuldig hoeft te voelen.

Zelfs wie het genre verafschuwt, moet erkennen dat Willem Duys daar al vijfendertig jaar de meester van is.