RUSLAND

Shchedrin: Symphony no. 2, Old Russian Circus Music. BBC Philharmonic (Chandos, chan 9552)

Górecki: Miserere & Gubaidulina: Alleluia. Danish National Radio Choir and Symphony Orchestra (Chandos, chan 9523)

Aurelia Saxophone Quartet: Four Generations of Russian Composers (Vanguard Classics, 99154)

Niemand hoeft vreemd op te kijken als Rodjon Sjtsjedrin Oude Russische Circus Muziek schrijft, een werk dat hij als ondertitel 'Concert voor orkest' meegeeft. Het stuk, geschreven ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van het Chicago Symphony Orchestra, stamt uit 1989 en is een vrolijke, wilde, bij vlagen virtuoze buiteling van allerlei instrumenten. De componist hoopt dat de luisteraar daarin de fanfares, en de koorddanser, de jongleur en andere circusfiguren herkent.

Het is - en ook dat is de laatste jaren niet ongewoon bij Russen - onbeschaamd traditioneel klinkende muziek, net als zijn Tweede symfonie, die bijna een kwart eeuw eerder ontstond. Ook in deze symfonie schildert Sjtsjedrin met klanken. Hij confronteert geluiden die hij zich als kind uit de oorlog herinnert met die uit het dagelijks leven. Juist die voortdurende behoefte aan uitbeelding gaat op den duur een beetje vervelen, hoe strak een expressief de uitvoering door het BBC Philharmonic Orchestra onder leiding van Wassili Sinajski ook is.

Ook Sofia Goebajdoelina's Alleluia (voor koor, jongenssopraan en orkest) is niet zomaar muziek. Dit werk, met zorg opgenomen door het Deense radiokoor en -orkest, is één uitgesponnen eerbetoon aan God. Maar hoewel het 'verhaal' in dit geval uiterst simpel en eenduidig is, gaat de muziek geen moment vervelen. Goebajdoelina moet een strenge God in gedachte hebben, aan wie ze deze vaak donkere, soms dreigende of bijna extatische klanken opdraagt - een groot contrast met de Pool Henryk Górecki's bijna saaie Miserere, het andere werk op deze cd.

Het Aurelia Saxofoon Kwartet maakte een cd met werken van vier generaties Russische componisten: Glazoenov, diens leerling Sjostakowitsj, Edison Denisov (die van Sjostakowitsj het advies kreeg om compositie te gaan studeren) en zijn leerling Dmitri Smirnov. Hier wordt niets meer uitgebeeld, of het moet zijn de ongecompliceerde speelvreugde. Maar die is mede de verdienste van de musici.