Duitse bonden en SPD: tijd voor fors hoger loon

BONN, 6 OKT. De vakbeweging in Duitsland en de sociaal-democratische SPD menen, dat het de hoogste tijd is voor forse loonstijgingen. “De jaren van bescheidenheid zijn voorbij”, zei Klaus Zwickel, voorzitter van invloedrijke metaalbond IG-Metall. “Er is speelruimte voor hogere lonen”, vindt ook SPD-voorzitter Oskar Lafontaine.

In kringen van de overkoepelende Duitse vakcentrale DGB (Deutscher Gewerkschaftsbund) wordt over loonstijgingen van vijf procent gesproken. “Werkgevers moeten rekening houden met salariseisen van vijf procent of meer”, zei Peter Deutschland, DGB-voorzitter in het Oostduitse Meckelenburg-Voorpommeren het weekeinde. IG-Metall-voorzitter Zwickel vindt dat de lonen gemakkelijk kunnen stijgen en hij verwees naar de stijgende productiviteit in het bedrijfsleven, de hoge exportcijfers, de stijgende winsten en de aandelenkoersen, die tot “ongekende hoogte” zijn opgeklommen.

Uit cijfers van het Institut für Weltwirtschaftsforschung in Kiel, een toonaangevend onafhankelijk economisch onderzoeksinstituut, blijkt dat de productiviteit volgend jaar echter weer afneemt. De productiviteit per gewerkt uur bedraagt in Duitsland dit jaar 4 procent. Voor volgend jaar rekent het instituut in Kiel op een halvering tot 2 procent.

SPD-leider Lafontaine, die zijn partij klaarstoomt voor de parlementsverkiezingen van volgend jaar, moedigde de vakbeweging afgelopen weekeinde ook aan hogere lonen te eisen. “Een gematigde loonpolitiek kan enkele jaren zinnig zijn, maar dit mag geen duurzame situatie worden”.

De looneisen van vakbeweging en SPD zijn bij werkgevers en de regeringscoalitie van CDU/CSU en FDP op heftige protesten gestoten. De christen-democratische partij van bondskanselier Helmut Kohl vindt dat de salariseisen “in hoge mate banen in gevaar brengen”. De Duitse concurrentiepositie wordt grote schade toegebracht als de vakbonden de “economische harakiri-koers” van Lafontaine volgen, zei Peter Hintze, algemeen-secretaris van de CDU, in een scherpe reactie.

Minister Günter Rexrodt (FDP) van Economische Zaken noemde overtrokken looneisen “gif voor de arbeidsmarkt” en een “fataal signaal voor investeerders”. Alleen een gematigde loonpolitiek van de CAO-partijen kan banen veilig stellen, zei Rexrodt.

Pas vorig jaar zijn werkgevers- en werknemers in de Bondsrepubliek begonnen op brede schaal gematigder CAO's af te sluiten. Zo stijgen in verschillende branches zoals in de metaal- en elektro-industrie, in de detailhandel en bij ambtenaren de inkomens dit jaar tussen de 1,3 en 1,5 procent. Hoewel de economie in Duitsland aantrekt - de regering gaat uit van een groei van 2,5 procent in dit jaar en van 3 procent volgend jaar - heeft de opleving van de conjunctuur nauwelijks geleid tot verbetering van de arbeidsmarkt.

De werkloosheid heeft met bijna 4,4 miljoen werklozen in Duitsland een naoorlogs record bereikt. De regering rekent dit jaar op een verdere stijging tot mogelijk 4,5 miljoen werklozen. De vakbeweging vreest zelfs een stijging tot 5 miljoen. De voorzitter van de Duitse vakcentrale DGB, Dieter Schulte, zei gisteren dat werkgevers hun beloften niet zijn nagekomen om bij gematigde salarisafspraken ook meer banen te creëren.

“Het is een ernstige vergissing nu krachtige looneisen op tafel te leggen. Dat is fataal voor de werkgelegenheid”, meent Jorg Döpke, macro-economisch expert bij het Institut für Weltwirtschaftsforschung in Kiel. “Hierdoor wordt de factor arbeid ten opzichte van kapitaal nog duurder. Voor werkgevers is dit een stimulans de productie alleen maar verder te rationaliseren”, aldus Döpke. Uitsluitend een duurzame politiek van loonmatiging kan volgens de economisch onderzoeker een gunstig effect hebben op de werkgelegenheid.

“Politici moeten er eens over nadenken wat de grote problemen in Duitsland zijn”, zei de voorzitter van IG Chemie Hubertus Schmoldt vanmorgen in een reactie. “Ongetwijfeld zijn dat ook de hoge belastingen en de sterk gestegen loonkosten. Als deze last lichter was, zouden werknemers ook meer geld in hun portemonnee hebben.”