Zuidoost-Azië heeft geen antwoord op de bosbranden

De weifelende reacties van de Zuidoost-Aziatische landen op de grote bosbranden in Indonesië tonen aan dat de regio in verwarring is. Van politieke wasdom is nog geen sprake

KUALA LUMPUR, 4 OKT. Zes weken lang zag de zon geen kans door de grijs-bruine smog boven de Maleisische hoofdstad Kuala Lumpur te breken. Maar deze week duwden regen en wind het dikke wolkenpak opzij, en kwam in grote delen van Maleisië de zon weer even tevoorschijn en kon weer vrijuit worden adem gehaald.

De regen en wind maakten ook een einde aan een periode van zes weken opmerkelijke stilte. Het mondkapje, massaal gebruikt als bescherming tegen de schadelijke smog, leek de 18 miljoen Maleisiërs monddood te maken. Niemand durfde openlijk kritiek te uiten op het gebrekkige optreden van de autoriteiten in Jakarta.

Tot afgelopen week, toen de regen begon te vallen en de wind draaide. Toen begon het gemopper op 'grote broer' Indonesië en groeide de verontwaardiging over de aanvankelijke weigering van de Indonesiërs de Maleisische autoriteiten te laten helpen bij de bestrijding van de branden.

Buurland Singapore ging nog verder en uitte, in een opmerkelijk fel commentaar in de regeringsgezinde Straits Times, kritiek op de Indonesische autoriteiten die niet snel en hard genoeg zouden hebben opgetreden. Ook in Thailand waren de afgelopen tijd steeds kritischer commentaren te lezen.

“Openlijk kritiek leveren op elkaar doe je niet snel in Azië. Dat levert pijnlijk gezichtsverlies op. En als er iets is dat je in dit deel van de wereld moet zien te voorkomen, dan is dat gezichtsverlies lijden”, verklaart Abdul Razak Abdullah Baginda de sterk vertraagde reactie van de Zuidoost-Aziatische landen op de Indonesische bosbranden. Baginda is directeur van het Malaysian Strategic Research Centre (MSRC) en adviseur van de Maleisische regering. Hij denkt dat het lange uitblijven van kritiek uit de regio op Indonesië ook te wijten is aan de afwachtende houding die zo karakteristiek is voor Aziaten. “Men wil eerst de omvang van de ramp zien en hoopt intussen dat het allemaal wel meevalt”, zegt hij. “Niemand hier weet hoe men moet reageren. Daarom is er bij dit soort calamiteiten een bijna geïnstitutionaliseerde traagheid in de reactie van veel Aziatische autoriteiten.”

Baginda heeft afgelopen zomer verbouwereerd waargenomen hoe de wonder-economieën van Zuidoost-Azië onderuitgleden. Eerst was er de valuta-crisis en kelderden de valuta van Thailand, Indonesië, Maleisië, de Filippijnen en Singapore naar historische diepten. Nu hangt een dikke smogwolk boven de regio. “Wat een symboliek!”, lacht Baginda. “Ik hoorde zelfs dat de tijgers op Sumatra met uitsterven worden bedreigd. Hoe kun je de val van Zuidoost-Azië treffender illustreren?”

De door Baginda veronderstelde 'val' van Zuidoost-Azië komt op een moment dat de regio bezig was aan politieke wasdom. Gesteund door de indrukwekkende economische successen van de afgelopen jaren, groeide het zelfbewustzijn van de landen in Zuidoost-Azië ten opzichte van hun voormalige koloniale overheersers in het Westen. De Verenigde Staten en de Europese Unie streden de afgelopen jaren onderling om intensievere contacten en betere contracten met de Aziaten en de associatie van Zuidoost-Aziatische landen (ASEAN) won zo in korte tijd aan internationaal aanzien. Na jaren vol botsingen over mensenrechtenkwesties lieten de Westerse gesprekspartners steeds duidelijker blijken te geloven in de Aziatische benadering van conflictbeheersing in de regio. De 'constructieve betrokkenheid' en de 'karaoke-diplomatie' van het Oosten wonnen het van de Westerse bemoeizucht.

Maar de afgelopen drie maanden bleek dat ASEAN nog veel te leren heeft voordat de club echt volwassen is. “Nu is bewezen dat de samenwerking binnen ASEAN niet werkt. Er was geen antwoord op de valuta-crisis en iedereen worstelt met een reactie op de smog uit Indonesië”, zegt de Maleisische professor Zakaria Ahmad, hoofd van de afdeling 'strategische vraagstukken en veiligheidsstudies' aan de Kebangsaan universiteit in Kuala Lumpur. Volgens Zakaria ligt de crux voor het falen van ASEAN bij het land waar de bossen nu in brand staan: Indonesië. “Alles binnen ASEAN draait om invloed. Dat heeft voor- en nadelen, maar het betekent in praktijk dat niets kan gebeuren zonder de toestemming van Indonesië. Zij zijn met voorsprong het grootste en dichtstbevolkte land en hebben daardoor een absoluut overwicht, temeer daar Soeharto 30 jaar geleden een van de oprichters van ASEAN was”.

Voor de buitenwereld betekende ASEAN tot voor kort vooral veel retoriek en ceremonie. Er werd gegolfd, gezongen en gedronken tussen het vergaderen door en alle bijeenkomsten zagen er steevast succesvol uit. “Dat kwam door de structuur van de club. Het is een associatie die geen van de leden tot iets kan verplichten”, legt Zakaria uit. “Nu blijkt dat er niets gebeurt wanneer er grote problemen zijn. De manier waarop ASEAN werkt, staat juiste actie op die momenten in de weg”.

Volgens Zakaria leggen de huidige problemen helderder dan ooit bloot wat de tekortkomingen binnen ASEAN zijn. “Er zijn eigenlijk maar drie landen met inhoud binnen ASEAN: Indonesië, Maleisië en Singapore”, zegt hij. “Thailand is als enige nooit gekolonialiseerd en heeft zijn eigen agenda. De Filippijnen horen eigenlijk tot Latijns Amerika. Vietnam is nog steeds een communistisch land, terwijl Asean is opgericht tegen het communisme. Laos is nog echt onderontwikkeld, Bruneï is te klein en in Birma en Cambodja zijn de politieke problemen veel te groot”, analyseert Zakaria.

Zakaria en Baginda zijn het over één ding eens: als de huidige crisis in Zuidoost-Azië iets leert, dan is het dat ASEAN moet veranderen. “De ASEAN-landen hebben nooit afspraken gemaakt over een mogelijke crisis. Nu pas komt men er achter dat de ASEAN-diplomatie niet werkt in tijden van crises”, aldus Baginda, die ASEAN ziet als niet meer dan een paraplu waaronder een aantal landen schuil gaat. “Nu blijkt dat iedereen, ondanks die paraplu, toch nat wordt, is het tijd voor bezinning en verandering.”

De diplomatie van ASEAN werkt niet in tijden van crises