Schmitz: uitzetting uit opvang was terecht

DEN HAAG, 4 OKT. Vrijwel alle uitgeprocedeerde asielzoekers die in het tentenkamp van de Raad van Kerken in Drenthe verblijven, hebben expliciet te kennen gegeven niet te willen meewerken aan terugkeer naar hun land van herkomst. Zij zijn terecht uit de opvang gezet. Dat schreef staatssecretaris Schmitz van Justitie gisteren in een brief aan de Tweede Kamer.

Het gaat om veertien personen die allen voorheen in het verwijdercentrum van Justitie in Ter Apel zaten. Zij hebben in gesprekken met ambtenaren gezegd niet te willen meewerken. Van die gesprekken bestaan verslagen, schrijft Schmitz.

Wegens hun weigerachtige houding zijn zij uit de opvang gezet. Dat is rechtmatig, concludeert de staatssecretaris. Mensen die terug moeten, zouden anders alsnog een “feitelijk verblijf in Nederland” kunnen afdwingen door niet mee te werken aan hun terugkeer.

Schmitz baseert zich op dossieronderzoek van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) van het ministerie van Justitie. Die kreeg van de Raad van Kerken een lijst met bewoners van het tentenkamp.

Op de lijst stonden de namen van nog eens twee uitgeprocedeerden die nooit in Ter Apel zijn geweest. In een geval concludeert de IND dat de betrokkene conform de regels uit de opvang is gezet. Ten aanzien van de andere persoon bestaat twijfel over zijn bereidheid tot medewerking.

Schmitz en minister Dijkstal van Binnenlandse Zaken hebben volgende week dinsdag een gesprek met de Raad van Kerken. Die dag debatteert ook de Tweede Kamer op verzoek van Sipkes (GroenLinks) over de kwestie. De interkerkelijke organisatie Inlia houdt vol dat de bewoners van het tentenkamp, op één Chinese familie na, wel degelijk bereid zijn mee te werken. (ANP)