'Pact van Eindhoven' kent vooral winnaars

Professionals en amateurs strijden in Oosterhout om de hoofdprijs van het eerste wereldbekertoernooi driebanden. Twee maanden na het 'Pact van Eindhoven' is de biljartsport eindelijk verlost van schorsingen en conflicten.

OOSTERHOUT, 4 OKT. Cultureel Centrum De Bussel in Oosterhout is dezer dagen een verzamelplaats van oude biljartvrienden. Raymond Ceulemans sprak tijdens de openingsceremonie van het eerste wereldbekertoernooi driebanden over “een gezellige reünie”. De Belgische professional verheugde zich op het weerzien met driebanders die hij uit het oog was verloren. Zijn Nederlandse collega Raimond Burgman deelt de mening van Ceulemans. “Sommige jongens ben ik zes jaar geleden voor het laatst tegengekomen. Het is leuk om weer eens tegen elkaar te spelen.”

Ceulemans en Burgman behoren tot het selecte gezelschap van de Billiard Worldcup Association (BWA), die zich elf jaar geleden heeft afgescheiden van de Union Mondiale de Billard (UMB), de internationale biljartfederatie. De BWA organiseert sinds 1986 een eigen wereldbekercyclus met de beste driebanders en de hoogste prijzenpot. De UMB heeft zich altijd verzet tegen de afscheiding van de wereldtop en zich vereenzelvigd met haar brede achterban. Bij officiële wereldkampioenschappen van de UMB ontbraken de beste profs van de BWA. Bij wereldbekerwedstrijden van de BWA moesten de amateurs zich via een voorronde kwalificeren voor het hoofdtoernooi.

Na een jarenlange discussie, die gepaard ging met schorsingen en rechtszaken, zijn beide partijen eind augustus tot een akkoord gekomen. In het Brabantse restaurant Karpendonkse Hoeve kreeg bemiddelaar Ed Nijpels na een vergadering van acht uur de handen op elkaar. Volgens het zogenaamde 'Pact van Eindhoven' is de BWA in het nieuwe biljartseizoen buitengewoon en autonoom lid van de UMB. Spelers uit beide categorieën mogen onvoorwaardelijk tegen elkaar biljarten. Een nieuwe wereldranglijst, waarbij de rankingen van de BWA en de UMB zijn samengevoegd, bepaalt vanaf 1 januari 1998 de mondiale hiërarchie bij het driebanden. In plaats van zestien krijgen 32 spelers een contract bij de BWA.

Burgman spreekt van een “politieke oplossing”, als de voorlopige plaatsingslijst ter sprake komt. Sommige amateurs, zoals de Duitser Christian Rudolph (tweede) en de Spanjaard Daniel Sánchez (vijfde), staan hoger genoteerd dan enkele professionals. “Ik zal aan de tafel laten zien dat ik beter ben”, zegt de als zevende geplaatste Burgman. De als negende geplaatste Ceulemans was deze week veroordeeld tot het spelen van kwalificatiewedstrijden. “Dat is een vervelende bijkomstigheid voor een oude man, maar nog geen reden om er mee te stoppen”, zegt de zestigjarige Ceulemans.

Volgens de spelers zijn er geen verliezers na het Pact van Eindhoven. Alle partijen zijn gebaat bij een oplossing van het conflict. Het publiek is misschien nog wel de grootste winnaar, want een wereldkampioenschap zonder de wereldtop was in de ogen van de gemiddelde biljartliefhebber een belachelijke zaak. Ben Velthuis, woordvoerder van de BWA, is tevreden over de nieuwe situatie maar hij waakt voor te veel optimisme. “De UMB is een papieren tijger die de topsport jarenlang onder het stof heeft laten zitten. De BWA heeft de stof verwijderd en een nieuwe glanslaag aangebracht. Wat rest is een hele berg wantrouwen. Er moeten nog een hoop pijntjes worden weggemasseerd.”

Velthuis is in Oosterhout een graag geziene gast. Terwijl hij wereldtoppers als Dick Jaspers en Torbjörn Blomdahl in de armen sluit, praat hij cynisch over de bobo's van de overkoepelende organisaties. Velthuis heeft zich de afgelopen jaren “bont en blauw geërgerd” aan de starre houding van verschillende bestuursleden. “Zij houden niet van biljarten, dat is zeker. Zij moeten deze sport haten, zoveel schade hebben ze aangericht. Het zijn waarschijnlijk mensen die thuis of op hun werk weinig te vertellen hebben en daardoor heel autoritair besturen. Anders kan ik het niet verklaren. Gelukkig sterven dit soort mensen vanzelf uit.”

Voorzitter Piet Lamberiks van de Nederlandse biljartbond (KNBB) voelt zich niet aangesproken als hij wordt geconfronteerd met het kritische commentaar van Velthuis. De KNBB heeft zich altijd achter het standpunt van de UMB geschaard. Lamberiks: “Ik waardeer de inzet van de heer Velthuis - hij heeft veel goede ideeën uitgevoerd - maar hij schuift de zwarte Piet te veel in onze richting. Neemt u van mij aan dat er twee partijen schuldig zijn geweest aan deze affaire, die de biljartsport veel schade heeft berokkend.”

Lamberiks is blij met de verzoening van de driebanders. Tegelijkertijd verdedigt hij de belangen van het noodlijdende bandstoten, kader en libre. “Het is mijn taak als voorzitter de andere spelsoorten niet te laten ondersneeuwen. En een arbiter uit een ver afgelegen district verdient misschien wel net zoveel aandacht als meneer Jaspers of meneer Ceulemans. Het kan nooit de bedoeling zijn dat de KNBB straks uit twee gescheiden afdelingen gaat bestaan. Driebanden zal onder mijn leiding nooit de primus inter pares van de biljartsport worden.”

Lamberiks vergadert dit weekeinde in Düsseldorf met de Europese biljartfederatie (CEB). In Oosterhout zal de Nederlandse bondsvoorzitter schitteren door afwezigheid. Lamberiks verontschuldigt zich. “Ik was graag getuige geweest van deze reünie. In de toekomst moeten we twee belangrijke gebeurtenissen beter op elkaar afstemmen.”