Aandelenindex voor de groene belegger

Een aandeel Van Melle is niet alleen een belegging in de toekomstige winstgroei van de snoepjesfabrikant, maar ook een belegging in een duurzame economie. “Het is een voortrekker in het bedrijfsleven op het gebied van wind- en zonne-energie in Nederland”, zegt portfoliomanager Hans Slomp van de Hollandse Koopmansbank.

De zelfbelegger met een groen hart kan voor advies voortaan terecht bij een aandelenindex in het tweemaandelijkse tijdschrift Source 'voor verantwoord ondernemen'. De Source-ASN-index begon deze zomer met 67 internationale bedrijven die “rekening houden met mens en milieu”. Voor de selectie hanteren de analisten zeven criteria die ook gelden voor het beursgenoteerde ASN-aandelenfonds. Dat fonds (belegd vermogen van 146 miljoen gulden) bestaat sinds 1993. Het onderzoek wordt verricht door analisten van de Hollandse Koopmansbank, evenals de Algemene Spaarbank Nederland (ASN) onderdeel van SNS Reaal Groep.

De index is opgezet als een beursspel met een belegd vermogen van 100 miljoen gulden per 31 december 1996. Als vergelijkingsmateriaal geldt de Morgan Stanley Capital International wereldindex (MSCI). In het eerste halfjaar steeg de MSCI van 100 naar 130 en de Source-ASN-index van 100 naar 124.

“De opgenomen bedrijven zijn niet per se allemaal de best renderende bedrijven”, zegt Slomp. “Dat is ook het verschil met het ASN-aandelenfonds. We hebben tot nu toe zo'n driehonderd bedrijven uitgebreid bekeken. Daarvan voldeden er 74 aan onze criteria. Het fonds belegt in ongeveer 40 van die bedrijven.”

De opgenomen bedrijven zijn niet betrokken bij nucleaire energie, bij wapenproductie of bij de grootschalige productie en verkoop van genotmiddelen als drank en tabak. De bedrijven beperken zich zoveel mogelijk wat betreft genetische manipulatie en dierproeven, tenzij die wettelijk zijn voorgeschreven zoals soms in de farmaceutische industrie. Ze voeren een sociaal beleid met gelijke kansen voor vrouwen en minderheden. Als ze actief zijn in landen waar mensenrechten geschonden worden, hangt het er van af hoe het bedrijf daar mee omgaat. Wat betreft milieu-maatregelen worden bedrijven opgenomen die voorop lopen in hun sector, bijvoorbeeld door hun productieproces, hun energiegebruik of de mate waarin hun producten geschikt zijn voor recycling.

Vijftien Nederlandse bedrijven voldeden aan de gestelde criteria. Dat zijn vier van de 25 hoofdfondsen die zijn opgenomen in de AEX-index van de Amsterdamse beurs: Elsevier (media), KNP BT (kantoorbenodigdheden), Océ van der Grinten (kantoorapparatuur) en Wolters-Kluwer (media). En vier van de 25 Midkap-fondsen: Ahrend (kantoorbenodigdheden), De Boer Unigro (detailhandel), Getronics (automatisering) en Randstad (uitzendbureau). “Elsevier en Wolters-Kluwer zitten in een sector die makkelijk kan voldoen aan de criteria”, verklaart Slomp de keuze. “Hun activiteiten zijn relatief onschadelijk voor het milieu. Een positief punt is dat ze publiceren op het gebied van milieu-educatie.”

De Koninklijke Olie (Shell) ontbreekt. “Shell doet in zoveel landen zaken waar het slecht is gesteld met de mensenrechten, dat het moeilijk te controleren is hoe ze zich daar gedragen. We hebben trouwens geen enkele oliemaatschappij opgenomen.” Ook Unilever (voeding, wasmiddelen en persoonlijke verzorging) en KPN (post en telecom) zijn niet opgenomen. “KPN is pas begonnen met milieuverslaggeving sinds ze beursgenoteerd zijn. En Unilever gaat niet ver genoeg. Ze zijn er wel mee bezig en het gaat vooruit. Voor beide bedrijven verwacht ik dat ze over een paar jaar wel aan de criteria kunnen voldoen.”

Van de in de index opgenomen buitenlandse bedrijven komen de meeste uit Engeland en de Verenigde Staten, voornamelijk omdat hun beleid meestal een stuk doorzichtiger is van Nederlandse ondernemingen. “Het Angelsaksische bedrijfsleven is door hun traditie van coporate governance en gedwongen door de aandeelhouders al veel langer bezig met milieverslaggeving, die vaak ook met cijfers is onderbouwd. Op het Europese continent is Nederland wel een van de eerste landen waar het beter wordt.”

Een opvallende buitenlandse naam op de lijst is bijvoorbeeld de Duitse Axel Springer Verlag, uitgever van onder meer het boulevardblad Bild Zeitung. “Een naam die vervelende associaties oproept bij onze klanten”, zegt Slomp. “Maar Springer is onder de uitgevers een voorloper op milieugebied. Zij hebben bijvoorbeeld bij de inkoop van papier hele strenge milieu-criteria geformuleerd voor hun leveranciers. Hetzelfde geldt voor de drukkerijen. En ze behandelen ook in de redactionele kolommen veel milieu-onderwerpen.”

De Source-ASN-index bleef de eerste zes maanden achter bij de MSCI. “Maar wij verwachten dat de geselecteerde bedrijven in de toekomst in staat moeten zijn om beter te presteren dan hun concurrenten”, zegt Slomp. “Zij nemen, vooral op milieugebied, nu al de maatregelen die de concurrentie in de toekomst tot een inhaalslag zal dwingen.”