Luchtverstikking

TWEE ONHEILSPELLENDE CRISES hebben de afgelopen dagen de aandacht gevestigd op het levensbelang van schone lucht. Parijs en Indonesië liggen ruim tienduizend kilometer van elkaar verwijderd en de oorzaken van de verstikkende luchtvervuiling op beide plaatsen zijn verschillend, maar er is een gemeenschappelijk element.

De luchtvervuiling is zo ernstig, dat drastische maatregelen geboden zijn. In Parijs is dat gemakkelijker dan in Indonesië. Het is eenvoudiger om in één stad een verbod uit te vaardigen tegen het gebruik van de helft van de auto's, dan om een einde te maken aan het seizoen van de bosbranden tot in de verste uithoeken van de Indonesische archipel.

Luchtverontreiniging ontstaat uit een combinatie van geografie, klimatologische omstandigheden en van de verbranding van fossiele brandstoffen voor mobiliteit en economische activiteiten. In Parijs werd deze week de hoogste alarmfase bereikt en minister van Milieu Voynet, de enige vertegenwoordiger van de Groene partij in het Franse kabinet, wist wat haar te doen stond. Haar besluit om de helft van de auto's gedwongen aan de kant te laten staan - talrijke uitzonderingen daargelaten - werd door de rechtse oppositie afgedaan als “de waanzin van eco-links”. Dat is kortzichtig.

De dagelijkse stedelijke verstikking door uitlaatgassen en vastzittend verkeer vraagt om drastische maatregelen. Niet alleen in Parijs overigens. Files van in totaal honderden kilometers doen zich op sommige dagen ook in de stadsnatie Nederland voor. De duurzame oplossing hiervoor bestaat niet uit noodgrepen gebaseerd op het laatste getal van het nummerbord, maar uit verbetering van het openbaar vervoer (in Parijs ten onrechte gratis tijdens de beperking van het auto-gebruik) en uit verbeterde milieutechnologie in auto's. Juist de Franse auto-industrie heeft zich het langst verzet tegen strenge milieu-eisen en de Californische normen, de strengste ter wereld, zijn in de Europese Unie nog niet in zicht.

DE BOSBRANDEN in Zuidoost-Azië zijn van een andere orde. Ze worden deels veroorzaakt door de expansie van de grootschalige plantage-economie van palmolie, hout en rubber voor de export, en deels door de reusachtige druk op het land door de miljoenen kleine boeren die landbouwgrond nodig hebben voor hun overleving. Hoewel brandstichting ten behoeve van de ontginning van land in Indonesië sinds 1995 verboden is, vindt het op grote schaal plaats met lokale en nationale politieke rugdekking. Er is sprake van gebrek aan voorlichting, gebrek aan toezicht, gebrek aan bereidheid om maatregelen te treffen, gebrek aan middelen om de branden van het tropische oerwoud te bestrijden. De reusachtige rookwolk die boven delen van Zuidoost-Azië hangt, heeft al talloze slachtoffers geëist, waaronder de inzittenden van het verongelukte Garuda-toestel in Medan. De ecologische verstoringen als gevolg van het 'Aziatische ontwikkelingsmodel' zijn zo voor de wereld zichtbaar geworden.

HET WARME nazomerweer in West-Europa en de Zuid-Aziatische droogte veroorzaakt door de klimaatverstorende werking van 'El Niño' vormen niet de oorzaken van de luchtvervuiling. Net als het autogebruik in Westerse steden is het landgebruik in ontwikkelingslanden een politiek geladen onderwerp. Een apocalyptisch scenario kan slechts met verregaande maatregelen bestreden worden.