Kinderboeken

Verplicht lijstje voor Elsbeth Etty: Mijn vader van Toon Tellegen, De dame en de neushoorn van Anne Vegter, Annetje Lie in het holst van de nacht van Imme Dros en Zwart als inkt van Wim Hofman. En dat zijn nog maar vier voorbeelden van buitengewoon geslaagde kinderboeken die de afgelopen jaren verschenen.

Zo'n lijstje is nodig - want Etty maakt in haar bespreking van De eerste zonde van Mariët Meester (boeken, 26-9-'97) een bizarre vergelijking. Ze beweert dat Meesters roman, door de 'eenduidige, tamelijk platte manier' waarop de schrijfster haar verhaalt vertelt, 'nauwelijks uit (stijgt) boven het niveau van een kinderboek, waar het ook door het simpele, rechtstreekse taalgebruik en de afgemeten dialogen veel van weg heeft'.

Zelden zoveel vooroordelen en platitudes over het kinderboek in één zin gelezen. Kennelijk is het Etty ontgaan dat de jeugdliteratuur volwassen is geworden. De beste Nederlandse kinderboeken hebben niets van doen met zouteloze verhaalwendingen, blinken uit door inventief taalgebruik en sprankelende dialogen, zijn vaak prachtig vormgegeven en niet zelden bekroond in het buitenland.

En Etty had dat kunnen weten: haar eigen krant bericht sinds jaar en dag - in recensies, interviews en beschouwingen - uitgebreid over al het moois dat Nederlandse kinderboekenuitgevers te bieden hebben.