Abrupt einde dooi India en Pakistan

NEW DELHI, 3 OKT. De aarzelende dooi die de afgelopen maanden viel te bespeuren tussen India en Pakistan is de laatste dagen tot een abrupt einde gekomen met een bloedige serie beschietingen over en weer in het omstreden Kashmir, waarbij enige tientallen mensen om het leven kwamen.

De Indiase premier, Inder Kumar Gujral, waarschuwde Pakistan gisteren dat zijn bereidheid tot warmere betrekkingen niet moet worden uitgelegd als een “teken van zwakheid”. India zal geen inbreuken op zijn veiligheid dulden. Zijn Pakistaanse ambtgenoot Nawaz Sharif heeft naar verluidt na de jongste botsing in Kashmir opdracht gegeven de betrekkingen met India grondig te herzien.

Het zwaarst getroffen werd de plaats Kargill aan de Indiase kant van de bestandslijn tussen beide aartsrivalen. Daar regende het dinsdag en woensdag artilleriegranaten op de markt en elders. In totaal kwamen er volgens Indiase woordvoerders zeker achttien burgers om het leven. Volgens de Indiërs ging het om “opzettelijke en willekeurige” beschietingen. De meesten van de circa 12.000 inwoners sloegen op de vlucht.

India riep dinsdag de Pakistaanse ambassadeur op het matje om een protest in ontvangst te nemen. Gujral deed het later persoonlijk nog eens dunnetjes over door Nawaz Sharif via een onlangs aangelegde hot line op te bellen. Hij gaf zijn collega te verstaan dat het uit moest zijn met zulke beschietingen.

De Pakistanen op hun beurt klaagden echter dat de Indiase strijdkrachten zeven burgers hadden gedood in de omgeving van het dorp Skardu aan hun kant van de bestandslijn. Indiase militaire zegslieden zeiden bovendien dat de Indiase strijdkrachten zo'n 150 Pakistaanse bunkers hadden verwoest, waarbij 50 militairen zouden zijn gedood. Ze omschreven het als een van de zwaarste beschietingen die India ooit op doelen aan gene zijde van de bestandslijn had uitgevoerd. Pakistan ontkende dat het dergelijke verliezen zou hebben geleden.

Met enige regelmaat komt het langs de bestandslijn tot incidenten. Beide landen betwisten elkaars gezag over Kashmir. Sinds het einde van de jaren veertig heeft India tweederde deel van het gebied in handen en Pakistan de rest. De laatste ernstige uitbarsting van vijandelijkheden deed zich eind augustus voor. Indiase woordvoerders verklaarden toen dat er zo'n 70 Pakistanen waren gedood. Pakistan ontkende dat echter. Het is vaak moeilijk de exacte toedracht van de gebeurtenissen te achterhalen, omdat beide kanten doorgaans met tegenstrijdige versies daarvan komen.

De kwestie-Kashmir vormt ook het grootste struikelblok bij het overleg tussen beide landen om de onderlinge relaties te verbeteren. Twee weken geleden eindigde de derde gespreksronde tussen de staatssecretarissen van buitenlandse zaken in New Delhi zonder enige vooruitgang. Ook een ontmoeting tussen Gujral en Sharif in New York leidde vorige week niet tot doorbraken.

Met zijn waarschuwing aan de Pakistanen zijn bereidheid tot overleg niet als zwakte uit te leggen, hoopt premier Gujral kennelijk zijn critici de wind uit de zeilen nemen. Gujral staat bekend als de vader van een doctrine, die inhoudt dat India zich als grootste land in de regio kan veroorloven soms eenzijdige concessies aan zijn buurstaten te doen.