Wavin wil ouderen binden met meer flexibiliteit

In de troonrede vroeg koningin Beatrix meer aandacht voor de ouderen in het bedrijfsleven. Die zijn straks door vergrijzing hard nodig. Wavin neemt dat serieus.

HARDENBERG, 2 OKT. Directeur A. van de Belt van het in Hardenberg gevestigde bedrijf Wavin wordt volgend jaar 60. Dan treedt hij uit. “Statistisch heb ik nog vijftien jaar om te leven dus om andere leuke dingen te doen”, zegt hij. “Ik kan het doen omdat mijn kinderen het huis uit zijn en ik 36 jaar heb gewerkt voor dezelfde baas en dus geen pensioenbreuk heb. Bovendien doe je zoiets natuurlijk gemakkelijker als je geen 2000, maar 20.000 gulden per maand verdient.”

Van de Belt laat Wavin een erfenis na waarvan hij overigens zelf weinig profijt meer zal hebben. Als een van de eerste ondernemingen in Nederland wordt er dankzij zijn inspanningen en die van zijn medewerkers actief gedaan aan loopbaanombuiging om ouderen langer in dienst te kunnen houden.

Daarmee wordt voldaan aan wat in het advies Leeftijd & Arbeid van de Stichting van de Arbeid in juli van dit jaar werd omschreven als het vergroten van de employability of vermogen om te werken. “Dat betekent voor de werknemer”, aldus de stichting, “dat hij of zij in staat is en blijft tot het uitoefenen respectievelijk het verwerven van een functie binnen de arbeidsorganisatie of daar buiten.”

Bij Wavin startte de loopbaanombuiging of het nieuwe ouderenbeleid op 1 januari van dit jaar. “Het verhaal goed aan de mensen overbrengen is het belangrijkste”, zegt Van de Belt. “Daardoor kun je langzamerhand tussen de oren krijgen wat we op papier hebben uitgedokterd. Toen hier destijds voor het eerst iemand met de VUT ging moesten we hem bij wijze van spreken per brancard afvoeren omdat hij het een schande vond om thuis te zitten tegen betaling. Zo gaat het ook met de loopbaanombuiging. Die vereist een mentaliteitsverandering, een omslag in het denken.”

Steekwoorden bij Wavin zijn werk op maat, maatpensioen en loopbaanombuiging, dat wil zeggen vrijwillig een stapje terugdoen zowel in functie als in beloning, zij het dat daarbij het inkomen met niet meer dan 30 procent mag worden gekort en men niet meer dan drie functiegroepen mag worden teruggezet. De verlaging in inkomen wordt gecompenseerd door een aanvullingsuitkering van de werkgever. “Doel van de loopbaanombuiging is”, aldus Van de Belt, “werknemers zo lang mogelijk gemotiveerd, gezond, flexibel, mobiel en met toegevoegde waarde in dienst te houden. Nu zie je vaak dat mensen werken tot ze er dood bij neervallen en dat anderen ermee moeten ophouden terwijl ze best nog een paar jaartjes zouden willen werken”.

Wavin, dat deel uitmaakt van een conglomeraat van bedrijven die luisteren naar de naam Oase (1750 werknemers in Nederland), maakt buizen en fittingen van kunststof voor riolering, gasleidingen en waterleidingen. Oase is, om met de woorden van Van de Belt te spreken, “een beetje baanbrekend in het sociale beleid”. Valse bescheidenheid, want voor veel werkgevers is de onderneming een voorbeeld bij het ontwikkelen van een ouderenbeleid. In zijn kantoor staat een beeldje. Het stelt een oudere man en vrouw voor met opgestroopte mouwen. Het is de prijs die het bedrijf kreeg van de Ouderenbond ANBO. Erop staat: “Hoe zo te oud? Wavin Maatpensioen baanbrekend en leeftijdsbewust personeelsbeleid”.

Van de Belt: “Doordat we als bedrijf gewend zijn flexibel te werken - buizen worden in de winter nu eenmaal minder gelegd dan in de zomer met gevolgen voor de personeelsbezetting - konden we de uitdaging ook gemakkelijker aan. We trachten altijd twee jaar vooruit te lopen op het regeringsbeleid. Gouverner c'est prévoir, ofwel regeren is vooruitzien. Toen premier Lubbers zei dat hij af zou treden als onder zijn kabinet het aantal WAO-ers boven het miljoen zou komen, wisten wij dat er met de WAO ingrijpende dingen zouden gebeuren, dus zijn we als de bliksem aan het werk gegaan om te bereiken dat zoveel mogelijk personeelsleden daar uit blijven.”

“Onder het personeel was er aanvankelijk grote weerstand”, aldus Van de Belt. “Daarom werkten we eerst keihard aan de bereidheid om te veranderen. Voordien hebben we drie jaar bikkelhard met de vakbonden onderhandeld om arbeidsvoorwaardelijk de zaak te regelen. Toen werd me duidelijk dat de vakbonden heus wel bereid zijn om vernieuwend mee te werken; die zijn veel moderner en toekomstgerichter dan in werkgeverskringen wel eens wordt verondersteld.”

De loopbaanombuiging is bij Wavin een van de instrumenten in het ouderenbeleid. Koningin Beatrix zei in haar jongste troonrede dat “de positie van oudere werknemers aandacht verdient. Het voortijdig buitenspel zetten van mensen is sociaal schrijnend en in het licht van de komende vergrijzing economisch steeds minder verantwoord. Ruimere scholings- en opleidingsmogelijkheden en het bestrijden van leeftijdsdiscriminatie zullen aan de ouderen de kans bieden om langer aan het arbeidsproces deel te nemen”, zo liet het kabinet bij monde van de vorstin weten. Van de Belt hoorde het met enige verbazing aan. “Daar moet de regering nu mee komen aankakken terwijl

het proces al jaren aan de gang is.''

In 1994 werd bij Wavin de VUT vervangen door het maatpensioen. “Daarmee pakten we eerst het meest inflexibele instrument in het loonhuis aan”, aldus Van de Belt. Een werknemer bij Wavin bouwt nu vanaf zijn 25ste jaar tot maximaal zijn 65ste een ouderdomspensioenregeling (OP) op en vanaf zijn 35ste tot aan maximaal zijn 62ste een Tijdelijke Ouderdomspensioenregeling (TOP). Bij mensen die meedoen aan de loopbaanombuiging wordt de pensioenuitkering bepaald op grond van het salaris dat zij verdienden direct voorafgaand aan de loopbaanombuiging. Die kan ingaan vanaf 55 jaar. Bovendien kunnen medewerkers kiezen tussen een fulltime of parttime pensioen.”

Volgens Van de Belt neemt 40 tot 50 procent van de werknemers deel aan deze pensioenregeling. “Het enthousiasme waarmee de mensen sparen voor hun persoonlijke pensioenpot is voor mij het beste bewijs dat de flexibiliteit en de keuzevrijheid in een behoefte voorzien en ook dat veel mensen al vroeg nadenken over later.”