Parijse hallen; De overlevingsdrang van de laatste overdekte markten

Ooit telde Parijs tientallen overdekte markten, zenuwcentra van de middenstand in de Franse hoofdstad. Anno 1997 zijn er nog slechts dertien over.De meeste zijn ten prooi gevallen aan projectontwikkelaars. De markten die overleefden, lijden een marginaal bestaan. Oorzaken: de verloedering van de achterafbuurten, de supermarktdichtheid en de emancipatie. Een rondgang langs nostalgie en moderniteit, darmenworst en dode vogels.

Francis Defrance is vishandelaar en voorzitter van de overdekte Ternes-markt, in het 17de arrondissement in Parijs, iets ten noorden van de Place de l'Etoile. Toen hij in 1972 de leiding overnam van deze middelgrote overdekte markt met plaats voor zestien stallen bleven de meeste 's middags dicht. Nu gaat iedereen na vier uur weer open. Daar is hij trots op. “Ik heb de klanten gepeild of zij wilden dat wij tussen de middag of 's avonds openbleven of een bezorgdienst instelden. Maar niemand had er echt behoefte aan, het zijn vaste klanten die hun weg hier kennen. Wij zijn niet handig bereikbaar per metro of bus, wij moeten het hebben van de buurt. Die mensen vergelijken de prijzen en halen de aanbiedingen eruit. Als je goed winkelt op de overdekte markt is het niet duurder dan in de supermarkt, wel beter.”

Ternes, afgebroken en nieuw gebouwd in 1970, is geen mooie markt. Zoals op meer plaatsen waar de grond van de oude markthallen te aantrekkelijk was voor projectontwikkelaars. Ook Europe, Riquet, Saint-Martin en Batignolles zijn voorbeelden waar de oude markthal plaats maakte voor nieuwbouw met een hoek voor de overdekte markt. De Saint-Honoré-markt, in de peperdure wijk bij het Elysée en de Place Vendôme, werd dertig jaar geleden al gesloopt voor een parkeergarage. Die is onlangs vervangen door een vederlichte, glazen kantoordoos van de architect Bofill, trendy Marché Saint-Honoré genoemd, maar de markt is weg.

De stad Parijs, eigenaar van de grond en de marktgebouwen, had in de jaren '50,'60 en '70 nogal eens oren naar verleidelijke voorstellen. Zeker als in dergelijke nieuwbouwprojecten weer een (kleinere) overdekte markt was opgenomen, leek het sociale gezicht gered. Daardoor kan het gebeuren dat je ergens in een net stuk kantoor-Parijs opeens een deur ziet waar achter een hal geurt naar vis, bloemen, darmenworst en dode vogels.

Nostalgie en moderniteit botsen veelvuldig, leert een rondgang langs de dertien resterende overdekte markten in Parijs, de hoofdstad van het historische en het toekomstgerichte Frankrijk. In het sterk gerenoveerde Louvre-museumcomplex is de combinatie verleden-massatoerisme aardig gelukt, het publiek komt met busladingen, parkeert en winkelt onder de grond en het oog wordt boven de grond uit meer invalshoeken gestreeld dan toen de veelbesproken restauratie-plus-piramide nog op de tekentafel lagen. De marchés couverts missen de steun van het hoogste gezag. Zij dobberen op de rivier van de tijd, te jong voor het museum, bijna te laat voor de monumentenzorg. En te ouderwets in het land met de grootste supermarktdichtheid van Europa?

De Saint-Quentin-markt is een van de mooiste en grootste van Parijs. De ligging tussen Gare du Nord en Gare de l'Est maakten de matig renderende 2.500 m een gewilde prooi voor nieuwbouwplannen. Verzet van omwonenden en handelaren hielp. In 1982 werd de hal opgeknapt, in de geest van architect Victor Baltard, de bouwkundige vader van Les Halles, de centrale markthallen van Parijs die in de jaren '70 werden gesloopt en vervangen door een ondergronds winkelcentrum dat qua gezelligheid concurreert met Hoog Catharijne.

“De vrouwen koken niet meer door de week, ze hebben minder kinderen en ze eten tussen de middag met lunchbonnen van hun werk en 's avonds diepvries, of ze halen wat”, zegt wildhandelaar Picciotti op de markt Saint-Quentin. Hij zit veertig jaar in het vak en heeft heel wat goede tijden gekend, tot de Golfoorlog. Hij weet niet wat die er mee te maken heeft, maar sindsdien heeft hij het elk jaar stiller zien worden. Alleen in het weekeinde loopt het goed. 's Zaterdags haalt hij 40 procent van zijn omzet, zondagochtend 25 procent.

“Op deze markt zijn wij bang voor het moderne leven en de supermarkten. De mensen hebben weinig tijd, ze koken hoogstens op zondag en als het mooi weer is, gaan ze in het weekeinde de stad uit. Vroeger zaten de supermarkten ver buiten Parijs, nu komen ze steeds dichterbij. Hier kan je niet parkeren. Bovendien, in deze stationsbuurt loopt van alles rond, drugs en boeven. Dat lokt niet. De mensen die in deze wijk werken, wonen meestal in de voorsteden - je gaat niet een uur in de trein zitten met een pak vis. En wie hier wonen, dat zijn steeds meer immigranten. Ik heb niets tegen vreemdelingen, integendeel, maar zij gaan naar hun eigen markten. Als er niet snel iets gebeurt, is het afgelopen met de markt.” Gelukkig is het straks Kerstmis, dan zoeken de Parijzenaars weer de gezelligheid van de overdekte markt. Zelfs uit de provincie en het buitenland bestellen de klanten Picciotti's eigengemaakte foie gras. Dan lijkt het weer een beetje op vroeger.

Eigenlijk is het een wonder dat er nog overdekte markten zijn in Parijs.In 1967 nam de gemeenteraad een besluit dat ze vogelvrij verklaarde en de weg naar sloop effende. Het verdwijnen van Les Halles gaf de stoot tot een herwaardering van Baltards gietijzeren oeuvre en de overige lokale markthallen. Secrétan, in het 19de arrondissement, is de enige nog net levende Baltard-markthal, mooi van buiten, enigszins vervallen van binnen. De gaafste markt in zijn stijl is die van La Chapelle (1858), in het 18de arrondissement, waar een gemoedelijke drukte en variëteit aan handel doen vergeten dat niet meer alle plekken verhuurd zijn. De paardenslager en de verstelwinkel houden moedig stand; in een verlaten kaasboetiek heeft een tweedehandsboekenman prettig veel planken gevonden.

Bijna alle overdekte markten die nog over zijn, liggen ten noorden van de Seine. Op de rive gauche zijn ze allemaal verdwenen, op één na, de markt Saint-Germain, een verhaal apart. Na jaren strijd tegen regelrechte sloop in deze buurt met een hoge personality-dichtheid kwam er een compromis uit: eigentijdse verwen-winkels voor lichaam en huis, en daarachter een nieuwbouwmarkt, bijna niet te onderscheiden van een supermarkt met gespecialiseerde hoeken - de vervloeiïng van twee tegenovergestelde concepten.

Misschien was de Parijse overdekte markt wel iets van de nu verdampte middenklasse, die rust, reinheid en regelmaat à la française praktiseerde: twee keer warm eten en zondag extra lekker, wild, wijn en kaas. En tijd om te praten. Slager Toutoun op de markt Saint-Quentin was jarenlang vlees-chef bij Carrefour, Frankijks grootste supermarktketen. Sinds anderhalf jaar is hij eigen baas. Hij vergelijkt twee werelden: “Willen we het hier redden dan moeten we de overdekte markt meer dynamiseren, brood, melk en diensten binnenhalen, reclame maken. Samenwerken kost moeite. Middenstanders hebben de neiging in te dutten.”

Met hun leus Le Savoir Frais, woordspeling op 'savoir faire' en 'savoir vivre', zijn de marktbestuurders op weg naar een ferme marketing van hun product. 'Gezellig en toch vers', het moet blijken of de Fransen er nog tijd en geld voor hebben als straks hun 5 franc-stuk op de markt een euro waard is.

OVERDEKTE MARKTEN IN PARIJS

1. Enfants Rouges, 39 Rue de Bretagne, 3e arrondissement, métro Filles du Calvaire. Dateert uit 1615, de oudste overdekte markt van Parijs. In 1991 afgeschreven als oud en slecht lopend. Een plan van ontwikkelaars voorziet in kantoren, een crèche, bibliotheek, markt en parkeergarage onder de grond. Comité onder leiding van de cineast Bertrand Tavernier kwam in actie. De markt werd 'gered', maar is sinds eind '95 gesloten. De stad Parijs belooft al twee jaar een opknapbeurt en spoedige heropening.

2. Saint-Germain, 3ter Rue Mabillon, 6e arr, métro Mabillon. Enige overdekte markt uit de tijd van Napoleon (1813), op plaats van middeleeuwse markt. Na lange strijd en architectonische prijsvraag is de buitenkant gered en de binnenkant ingericht als modern vrijetijds-winkelgebied, met een hoek voor de oude overdekte markt.

3. Europe, 1 Rue Corvetto, 8e, métro Villiers. De kleinste overdekte markt. De slager heeft zich tot traiteur omgeschoold. De klanten staan in de rij.

4. Saint-Quentin, 85bis Boulevard Magenta, 10e, métro Gare de l'Est. Een van de mooiste.

5. Saint-Martin, 31-33 Rue du Château d'Eau, 10e, métro Château d'Eau. Gevel-elementen van oorspronkelijke markt uit 1850 opgenomen in nieuwbouw (1989).

6. Beauvau (in de wandeling genaamd 'Aligre'), Place d'Aligre, 12e, bij Rue Saint-Antoine, métro Ledru-Rollin. Overdekte en openlucht markt, voedsel-, kleding- en rommelmarkt, cultureel gemengd. Op modern rond plein van beperkte bouwkundige schoonheid, maar zeer levendig. Marktplaats sinds 1781, op terrein voormalige abdij Saint Antoine des Champs. Overdekt gedeelte heeft nog 18de-eeuwse drinkplaats voor paarden, nu fontein.

7. Passy, Place de Passy, 16e, métro La Muette. Wit, laag gebouw uit 1953. Levendig, ruim overzicht, strijdt tegen een welvarend heden in buurt met nogal wat oude en nieuwe rijken. Die kunnen om de hoek in de Rue de Passy hun eerste levensbehoeften op modegebied halen. Dorpsplein van de wijk gedomineerd door een 'MacDo' en een kantoor-ontwikkeling met de onvermijdelijke naam Passy Plaza.

8. Saint-Didier, op de hoek van Rue Mesnil en Rue Saint-Didier, 16e, métro Victor Hugo. Gebouwd in 1863 en niet afgebroken, aarzelt tussen voortleven en verval. Overdekte markt, plus winkeltjes en buitenstallen. Let op: alleen di t/m za 's morgens van 8.30-13u open. Winkels ook van 16-19u30.

9. Batignolles, 96bis Rue Lebon, 17e, métro Brochant. Gietijzeren markt uit 1867, in 1979 vervangen door nieuwbouw met een parkeergarage onder de grond. De enige overdekte markt in Parijs die een supermarkt heeft binnengelaten.

10. Ternes, 8bis Rue Lebon, 17e, métro Ternes. Vormt geheel met marktstallen buiten in Rue Lebon.

11. La Chapelle, 10 Rue de l'Olive, 18e, métro Marx-Dormoy. Uit 1858, stijl Baltard. Was beestenmarkt, allerlei soorten voedsel sinds Eerste Wereldoorlog. Gemêleerde wijk, van Thaitown tot 'couscous à emporter'.

12. Riquet, 42 Rue Riquet, 19e, métro Riquet. Uit 1972. Volkswijk met chaotische nieuwbouw, Arabische winkels en joodse noodschool naast elkaar.

13. Sécrétan, 33 Avenue Secrétan, 19e, métro Bolivar. Het enige echte Baltard-marktgebouw, bijna vervangen door nieuw complex, tracht opnieuw te beginnen, nu beheerd door de vereniging van openluchtmarkten.

De markten zijn open van 8u of 8u30 tot 12u30 of 13, en van 16 tot 19u30 op di t/m za; zo van 8u tot 13u. Uitzondering Saint-Didier, zie boven.