Mijn eerste foto

Wanneer ik mijn fotoarchief doorzoek en ik bekijk mijn eerste probeersels, dan komt er een herinnering boven uit de laatste oorlogsmaanden die ik doorbracht in Friesland. De laatste winter was zojuist begonnen en ik had het geluk dat een chauffeur van een meubelbedrijf op de Amsterdamse Overtoom nog plaats had in zijn aftandse vrachtwagen.

De ontsnapping had nogal wat voeten in aarde, omdat er onderweg flink werd gecontroleerd. Vooral fietsers die nog enig voedsel hoopten te verkrijgen van boeren, moesten het ontgelden. De moeizaam verkregen leeftocht werd hun ontnomen. In het ergste geval werd ook hun fiets 'gevorderd', een ander woord voor 'ingepikt'. Gelukkig werd ons steeds vrije doorgang verleend dank zij al dan niet vervalste 'Ausweise' en brieven die we toonden waarin stond dat 'meine Schwester in Friesland sehr ernstig krank ist'. Bij de laatste controle op de Afsluitdijk (een van de meerijdende vrouwen sprak in haar zenuwen van Afslijtduik) merkte een Duitse soldaat op 'Ach, allen habt Ihr was'.

Na vele uren rijden, afgewisseld met stops door luchtalarm waarbij we onder de wagen gingen liggen, kwamen we in Franeker, waar een bevriend artsengezin zich over mij ontfermde. Ik had in weken geen fatsoenlijke maaltijd gehad en de weelde die daar heerste kwam als uit de hemel. Ik was toen veertien jaar, had altijd honger en was broodmager. Gelukkig knapte ik weer op en na enkele weken nam mijn interesse in de dagelijkse dingen weer toe.

Zo nam ook mijn belangstelling voor de fotografie een aanvang. Het probleem was dat er bijna niets te koop was. Alleen Foto Hommema (die winkel bestaat nog steeds) kon me nog af en toe een filmpje verkopen. Ik kiekte mijn nieuwe vriendjes en vriendinnetjes. De meeste negatieven zijn in de loop der tijd verdwenen of onbruikbaar geworden. Met alle respect voor de oude mevrouw Hommema, die alles zelf afwerkte, maar goed fixeren en spoelen was er toen niet altijd bij.

En toen, in april, kwamen onze bevrijders. Op zaterdag 14 april trokken de Duitsers terug. Tot ieders grote verbazing verdwenen ze in westwaartse richting. Later bleek dat er geen andere mogelijkheid voor hen was, want de Canadezen en Amerikanen zaten al in Leeuwarden.

De dag daarop was het doodstil in Franeker. Ik was al naar buiten gegaan om poolshoogte te nemen. Lopend over het Noorder Bolwerk zag ik ineens een lichtflits, en met de knal die daarop volgde, vloog de brug die naar Franeker leidde, de lucht in. Bang geworden rende ik naar huis, waar enkele ruiten waren gesprongen. Verder bleef het stil, totdat 's middags bericht kwam dat de Canadezen onderweg waren. Dat was een feest! Iedereen kwam naar buiten en ik greep een oude Kodakbox waar nog een film in zat. En daar kwamen onze bevrijders! Tanks, legerwagens en jeeps, die ik zo grappig vond, kwamen met donderend geweld door de Voorstraat waar wij woonden. In wild enthousiasme fotografeerde ik erop los.

Door al dat enthousiasme was ik vijf dagen mijn stem kwijt. Toen die om waren kreeg ik ook mijn foto's van Hommema terug. Alles bewogen! Ik troost me er nu maar mee dat ik de bewogenheid van het moment heb weten vast te leggen.