Kantoren; Teloorgang vaste werkplek

Er zijn nog steeds architecten die geloven in het modernistische adagium 'form follows function'. Maar aan de meeste gebouwen is nauwelijks of niet te zien wat er schuil gaat achter de façades. Ook het nieuwe Interpoliskantoor toont weer eens de ondeugdelijkheid van het modernistische architectengeloof aan.

Het exterieur van dit vorig jaar voltooide hoofdkantoor van de verzekeringsmaatschappij Interpolis maakt op geen enkele manier zichtbaar dat het hier gaat om een nieuw soort kantoorgebouw. Het hoogste gebouw van Tilburg, ontworpen door Abe Bonnema, is niet veel anders dan het kantoor van Nationale Nederlanden in Rotterdam, het hoogste gebouw van Nederland dat eerder door dezelfde architect werd getekend.

Toch wijkt het 92 meter hoge Interpolisgebouw af van het orthodoxe kantoorgebouw, dat hoofdzakelijk bestaat uit lange gangen met aan weerszijden kamers met verschillende groottes. De meeste Interpoliswerknemers hebben geen vaste werkplek. Het gegeven dat zij veel met computers werken en bovendien vaak op pad zijn om polissen af te sluiten maakte een eigen kamer met bureau overbodig. Tilburgse interpolisten hebben kleine, speciaal ontworpen karretjes gekregen om hun spullen in op te bergen. Die parkeren ze bij vertrek ergens bij de ingang van het gebouw om ze na binnenkomst op te pikken. Vervolgens pluggen ze op een willekeurige plek hun computer in het grote Interpolissysteem in en gaan aan het werk.

Kantoorgebouwen worden slechts een klein deel van de 24 uur die een dag telt gebruikt. Er valt dus veel te winnen. De nieuwe benadering van het werk in het Interpoliskantoor is een eerste stap op weg naar een intensiever gebruik van de kantoorruimte. Na de invoering van de nieuwe werkwijze kon de verzekeringsmaatschappij met twintig procent minder kantoorruimte toe. Dit bleek overigens, nadat Bonnema zijn eerste ontwerpen voor het nieuwe onderkomen van Interpolis al had gemaakt. De Interpolisdirectie kwam pas op het idee van het flexibele kantoor, nadat de ontwerpopdracht was verleend. Voor Bonnema was dit geen probleem: hij maakte zijn gebouw gewoon twintig procent kleiner.