Grote grepen naar Het Heden

Waarmee kan een journalist gestraft worden, afgezien van een interview met een lid van het Koninklijk Huis? Antwoord: met een biografie van premier Wim Kok. John Jansen van Galen (onder andere Het Parool) en Willem Breedveld (Trouw) zijn daarmee bezig, maar het werk schiet niet op.

Dat meldt althans de jubilerende, 120 jaar oude Groene Amsterdammer. Het grootste struikelblok is de 'normaalheid' van de man die twintig jaar geleden al zei: “Ik ben misschien wel een geweldig burgerlijke figuur, dat heeft mogelijk met mijn arme afkomst te maken.” Voor een biograaf is die burgerlijkheid de minste van zijn zorgen; daar valt wel iets van te maken. Maar die onherroepelijke eerlijkheid, het gebrek aan uitspattingen - als kiezer krijg je honderd procent waar voor je geld, maar voor schrijvers is het een ramp. Boeven zijn nu eenmaal interessanter dan fatsoenlijke mensen. Dus is ook van Jaap de Hoop Scheffer niet veel te verwachten. Hij ziet er baardiger en onbetrouwbaarder uit dan Kok, maar sinds hij, volgens De Groene, in de Nieuwe Revu heeft opgeschept over zijn formidabele tongzoentechniek, blijven we op Hollands niveau.

Het jubileumnummer van De Groene Amsterdammer is dik voor hun doen (70 pagina's, tegen HP/ De Tijd 100, Vrij Nederland 96, HN 40 en Elsevier 192) maar het is geen onvergetelijk werk geworden. Helaas te weinig over de roemruchte geschiedenis, en een paar zwakke pogingen om Het Heden in een grote greep te nemen. Rob van Erkelens gaat nogal te keer tegen de culturele vervlakking in Nederland ('kikkercultuur'), in een stijl die bewijst wat hij wil bestrijden.

Niet minder pessimistisch is het volgende verhaal van Hans Koning: “Het huidige fin de siècle kenmerkt zich door agressief individualisme, leugenachtigheid en de afwezigheid van eergevoel.”

Eveneens een grote greep doet Guikje Roethof in een analyse van ons politieke stelsel, met de Tweede Kamer steeds meer gelijkend op een afwerkplek, “van wetgeving wel te verstaan”. Onaangenaam beeld, maar een echt antwoord op de vraag of de parlementaire democratie nog levensvatbaar is, heeft Guikje ook niet.

Het enige echte jubileumartikel, passend in de 120-jarige strijd tegen het grootkapitaal, beschrijft hoe Ahold in 1993 en 1994 enorme partijen bedorven etenswaren naar Rusland heeft geëxporteerd, mét subsidie van de EG. Wit uitgeslagen worteltjes, geel uitgeslagen bonen, onfrisse aardbeienjam, het was goed genoeg voor de burgers van Moskou. De zegsman van het verhaal is John Rooymans, directeur van een adviesbureau, die een boek over de affaire heeft geschreven. Typisch een zaak waarvan de lezer denkt: óf Ahold komt voor de rechter wegens fraude, óf Rooymans wegens laster c.q. onrechtmatige daad. Vermoedelijk zullen we er nooit meer iets van horen.

Geldt dat ook voor de uitspraken van Henk Koning, president van de Algemene Rekenkamer, in Elsevier ? Koning is ook een beminnelijk politicus met een onberispelijk zedelijk leven, maar met een boosaardiger gevoel voor humor dan Kok. En hij doet forse uitspraken, want hij kan niet van de kieslijst worden geschrapt: “Nederland corrumpeert. (...) Als het in Europa over fraude en corruptie gaat, vinden wij ons het beste jongetje van de klas, maar ik heb zo hier en daar de indruk dat wij ook het schijnheiligste jongetje van de klas zijn. (...) Het niet-aanmelden van de technolease in Brussel was een zeer bedenkelijk scenario. (...) In plaats van er eerlijk voor uit te komen dat het Rijk steun aan bedrijven wilde geven, koos men voor een grijze weg. Mij zal het niet verbazen als de heer Van Miert de Nederlandse overheid straks een gepeperde rekening presenteert.”

De Groene moge het oudste weekblad zijn, Elsevier is het rijkste. Zoals weer blijkt uit een grootscheepse enquête onder 3.000 jongeren. In principe prachtig, maar de grote moeilijkheid is hoe men een oceaan van gegevens (100 vragen en stellingen) overzichtelijk presenteert. Dat lukt dan ook niet echt, ondanks 23 pagina's met veel staafdiagrammen. Generale conclusie: een valbijl scheidt studerenden en niet-studerenden, met grote maatschappelijke consequenties.