Eindeloos zoeken

Volgens M. de Vos is twijfelen binnen de veilige muren van een Godshuis eerder uitzondering dan regel, en is het gemakkelijker gelovigen onderuit te halen op 'logische' gronden, dan omgekeerd atheïsten erop te wijzen - om een ironisch voorbeeld te noemen - dat zij menen 'zonder liefde' te kunnen leven, terwijl God liefde is (NRC Handelsblad, 23 september).

Zei al niet een van de grootste wiskundigen aller tijden, de wijsgeer Henri Poincaré dat men het eens moet zijn om überhaupt te kunnen discussiëren? Gevolg is dat als men het al eens is, discussie niet meer nodig is. Verschilt men van mening, dan heeft verdere gedachtenwisseling geen zin. Zwijgen is goud.

Waarom alles steeds maar willen begrijpen? Zijn Gods wegen dan niet ondoorgrondelijk? En waarom zo'n overmaat aan nieuws gierigheid? Zalig toch de armen van geest, en zalig zij die niet zien en toch geloven? En, last not least, waarom het avondcourant lezend kerkvolk voortdurend een unheimisch gevoel geven vanuit het 'bastion van Big Brother' surfend op de hekgolf van de Academische Twijfel?

Het is niet goed dat er zo weinig geluiden van gewone gelovigen worden gehoord vanuit de redactielocalen van het enige landelijke avondblad dat wij Nederlanders rijk zijn. Verreweg de meeste Nederlanders immers geloven in de Onnoembare. Waarom dan zoveel onevenwichtigheid? En ook al zou het om een minderheid gaan.

Men zou zich ervan bewust dienen te zijn dat de samenstelling van een landelijk avondblad - gegeven het feit dat er slechts een van is - vanuit welvaartstheoretisch oogpunt beschouwd au fond neerkomt op de productie van een zuiver collectief goed, op de voortbrenging waarvan artikel 1 van onze Grondwet van toepassing is. Dit luidt (ik citeer): “Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.”